1. Het is verboden een seksinrichting of escortbedrijf te exploiteren of te wijzigen zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan.

  2. Het bevoegde bestuursorgaan kan een maximum stellen aan het aantal te verlenen vergunningen.

  3. In de aanvraag om vergunning en in de vergunning wordt in ieder geval vermeld:

    1. de persoonsgegevens van de exploitant;

    2. de persoonsgegevens van de beheerder; en

    3. de aard van de seksinrichting of het escortbedrijf;

    4. een plattegrond van de seksinrichting door middel van een tekening;

    5. een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimte; en voor zover van toepassing,

    6. het aantal prostituees die werkzaam zullen zijn in de seksinrichting.

  4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.