1. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast:

    1. medewerkers van de gemeente, voor zover zij zijn belast met een toezichthoudende taak;

    2. medewerkers van het intergemeentelijk samenwerkingsorgaan Omgevingsdienst Midden-Holland;

    3. ambtenaren van politie, bedoeld in artikel 141, onder b, van het Wetboek van Strafvordering;

    4. medewerkers van de regionale brandweer Hollands Midden;

    5. buitengewoon opsporingsambtenaren van Staatsbosbeheer;

    6. buitengewoon opsporingsambtenaren van de provincie Zuid-Holland. Deze personen zijn tevens belast met de opsporing van het bepaalde bij of krachtens deze verordening voor zover hen daartoe opsporingsbevoegdheid is verleend op grond van artikel 142 van het Wetboek van Strafvordering.

  2. Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening belast de bij besluit van het college dan wel de burgemeester aan te wijzen personen.