Algemene Plaatselijke Verordening (APV) gemeente Enschede 2009 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
HOOFDSTUK ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK OPENBARE ORDE
AFDELING BESTRIJDING VAN ONGEREGELDHEDEN
Afdeling BETOGING
AFDELING VERSPREIDEN VAN GEDRUKTE STUKKEN
Afdeling VERTONINGEN E.D. OP DE WEG
Afdeling BRUIKBAARHEID EN AANZIEN VAN DE WEG
Afdeling VEILIGHEID OP DE WEG
Afdeling EVENEMENTEN
Afdeling TOEZICHT OP HORECABEDRIJVEN EN ANDERE VOOR PUBLIEK OPENSTAANDE GEBOUWEN
Afdeling TOEZICHT OP INRICHTINGEN TOT HET VERSCHAFFEN VAN NACHTVERBLIJF
Afdeling TOEZICHT OP SPEELGELEGENHEDEN
Afdeling SPEELAUTOMATEN
Afdeling MAATREGELEN TEGEN OVERLAST EN BALDADIGHEID
Afdeling BESTRIJDING VAN HELING VAN ZAKEN
Afdeling VUURWERK
Afdeling DRUGSOVERLAST
Afdeling VEILIGHEIDSRISICOGEBIEDEN, CAMERATOEZICHT EN ANDERE BIJZONDERE BEVOEGDHEDEN VAN DE BURGEMEESTER
Afdeling CARBIDSCHIETEN
Afdeling TOEZICHT OP SMART-, HEAD- EN GIFTSHOPS
AFDELING RECREATIEPARK HET RUTBEEK
HOOFDSTUK SEKSINRICHTINGEN, STRAATPROSTITUTIE E.D.
PARAGRAAF BEGRIPSOMSCHRIJVINGEN EN NADERE REGELS
PARAGRAAF SEKSINRICHTINGEN, ESCORTBEDRIJVEN, STRAATPROSTITUTIE, SEKSWINKELS EN DERGELIJKE
PARAGRAAF BESLISTERMIJN, TENAAMSTELLING EN GELDIGHEIDSDUUR, WEIGERINGS- EN INTREKKINGSGRONDEN, SLUITING
PARAGRAAF WIJZIGING DAN WEL BEËINDIGING EXPLOITATIE; WIJZIGING BEHEER
PARAGRAAF OVERGANGSBEPALINGEN
HOOFDSTUK BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING DER GEMEENTE
Hoofdstuk STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

HOOFDSTUK

ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1:1

Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  1. openbare plaats: hetgeen in artikel 1 lid 1 van de Wet openbare manifestaties daaronder wordt verstaan, waaronder begrepen de weg als bedoeld onder b.

  2. weg: weg, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994;

  3. bebouwde kom: de bebouwde kom of kommen gelegen binnen de grenzen zoals die laatstelijk door de Gemeenteraad zijn vastgesteld krachtens artikel 20a van de Wegenverkeerswet;

  4. rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;

  5. bouwwerk: bouwwerk als bedoeld in artikel 1 van de Bouwverordening;

  6. gebouw: gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c, van de Woningwet;

  7. handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen;

  8. bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

  9. milieubelastende activiteit: activiteit die nadelige gevolgen voor het milieu kan veroorzaken, niet zijnde een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam of een lozingsactiviteit op een zuiveringstechnisch werk of een wateronttrekkingsactiviteit;

  10. fatbike: een tweewielige fiets met trapondersteuning met banden breder dan 7 centimeter en een wielmaat kleiner dan of gelijk aan 27 inch;

  11. fiets met trapondersteuning: fietsen die zijn voorzien van een elektrische hulpmotor.

Artikel 1:2

Beslistermijn

  1. Voor zover bij deze verordening niet anders is bepaald beslist het bevoegd bestuursorgaan op een aanvraag voor een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de datum van ontvangst van de aanvraag;

  2. Voor zover bij deze verordening niet anders is bepaald kan het bevoegd bestuursorgaan zijn beslissing voor ten hoogste acht weken verdagen.

  3. In afwijking van het tweede lid is artikel 3.9 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van toepassing indien beslist wordt op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 2:11, 2:12, 4:11 of 4:15.

Artikel 1:3

Indiening aanvraag of doen van een melding

  1. Indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing wordt ingediend minder dan drie weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig heeft, kan het bestuursorgaan besluiten de aanvraag niet te behandelen;

  2. Voor bepaalde, door het bestuursorgaan aan te wijzen vergunningen of ontheffingen kan de in het eerste lid genoegde termijn worden verlengd tot ten hoogste tien weken.

  3. Aanvragen om vergunning of ontheffing en meldingen worden ingediend via het (digitale) loket van de gemeente, postbus20@enschede.nl of via Postbus 20, 7500 AA Enschede, via de daartoe door het bevoegd gezag vastgestelde formulieren.

  4. In de aanvraag om vergunning of ontheffing of in een melding vermeldt de aanvrager of melder de naam, het adres en de woonplaats van de aanvrager of melder, alsmede het elektronisch adres van de aanvrager of melder, indien de aanvraag met een elektronisch formulier wordt ingediend. Hetzelfde geldt indien sprake is van een gemachtigde.

Artikel 1:4

Voorschriften en beperkingen

  1. Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en beperkingen strekken slechts tot bescherming van het belang of de belangen in verband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist;

  2. Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen na te komen.

Artikel 1:5

Persoonlijk karakter van vergunning of ontheffing

De vergunning of ontheffing is persoonsgebonden, tenzij bij of krachtens deze verordening anders is bepaald of de aard van de vergunning zich daartegen verzet.

Artikel 1:6

Intrekking of wijziging van vergunning of ontheffing

De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd:

  1. Indien ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;

  2. Indien op grond van een verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing of vergunning, intrekking of wijziging noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is vereist;

  3. Indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen;

  4. Indien van de vergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij gebreke van een dergelijke termijn, binnen een redelijke termijn;

  5. Indien de houder dit verzoekt.

Artikel 1:7

Termijnen

De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet.

Artikel 1:8

Weigeringsgronden

De vergunning of ontheffing kan door het bevoegd gezag of het bevoegde bestuursorgaan in ieder geval worden geweigerd in het belang van:

  1. de openbare orde;

  2. de openbare veiligheid;

  3. de volksgezondheid;

  4. de bescherming van het milieu.

Artikel 1:10

Lex Silencio Positivo

Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de artikelen van deze verordening, met uitzondering van de artikelen 5:2 lid 4 en 5:7 lid 2.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening (APV) gemeente Enschede 2009