1. Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag een beschermde houtopstand, zoals aangewezen op de lijst als bedoeld in artikel 4:10a, te vellen of te doen vellen.

  2. Een vergunning, zoals bedoeld in lid 1, wordt verleend, indien:

    1. een zwaarwegend maatschappelijk belang opweegt tegen het duurzaam behoud van de beschermde houtopstand;

    2. naar boomdeskundige maatstaven instandhouding niet langer verantwoord is ter voorkoming van letsel of ernstige schade.

  3. Het eerste lid geldt niet voor het vellen van een houtopstand in verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een direct gevaar voor personen of goederen, mits de burgemeester hiervoor toestemming verleent.

  4. Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.