1. De gemeenteraad kan, nadat de allochtone ouders op een door de gemeenteraad te bepalen wijze in staat zijn gesteld hun mening daarover kenbaar te maken, de middelen die de gemeente als specifieke uitkering, bedoeld in artikel 173, eerste lid, uit 's Rijks kas ontvangt voor onderwijs in allochtone levende talen, geheel of gedeeltelijk bestemmen voor taalondersteuning van allochtone leerlingen in het basisonderwijs. Indien de gemeenteraad besluit de uitkering geheel te bestemmen voor een zodanige taalondersteuning, is artikel 171 niet van toepassing. Taalondersteuning van allochtone leerlingen omvat alle onderwijsactiviteiten die met behulp van een allochtone levende taal bijdragen aan het aanleren van de Nederlandse taal en daarmee aan het behalen van de doelstellingen van de kerndoelen, bedoeld in artikel 9.

  2. Tot taalondersteuning van allochtone leerlingen zijn bevoegd leraren die de desbetreffende allochtone levende taal beheersen en die in het bezit zijn van één van de op grond van artikel 186, zesde lid, aangewezen verklaringen en diploma's met betrekking tot de beheersing van de Nederlandse taal.