-
Van het verbod van artikel 27, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het dragen van een wapen van categorie IV, aan personen ten aanzien van wie het wapen deel uitmaakt van hun officiële ceremonieel tenue.
-
De vrijstelling in het eerste lid geldt uitsluitend op de tijdstippen dat de ambtskleding of het officiële ceremonieel tenue daadwerkelijk wordt gedragen.
Regeling wapens en munitie Laatste controle 14-05-2026, laatste wijziging 19-04-2026 (Bron: wetten.overheid.nl).
Inhoud
3a Opsporingsambtenaren
4 Buitengewoon opsporingsambtenaren
6 Erkenningen; leeftijd, zedelijk gedrag en vakbekwaamheid
7 Erkenningen; beveiliging bedrijfsruimte
8 Erkenningen; registers
8a Markering van vuurwapens
9 Vrijstelling van de erkenningsplicht
9a Vrijstelling voor airsoftapparaten
10 Vrijstelling voor vuurwapens en munitie
10a Tijdelijke vrijstelling voor stiletto’s, valmessen en vlindermessen
11 Vrijstelling voor stroomstootwapens en noodsignaalmiddelen
12 Vrijstelling voor wapens van categorie IV
13 Vrijstelling voor ceremoniële wapens, optochten en studentenweerbaarheidsverenigingen
14 Vrijstelling voor schepen en luchtvaartuigen
15 Vrijstellingen sportschutters, jagers en personen die historische gebeurtenissen nabootsen voor buitenlandse activiteiten
16 Sportschutters en jagers
16a Schietvereniging
16b Opslageisen
17 Vrijstellingen voor vervoer
18 Administratie door de korpschef
19 Aanvraag- en bevoegdheidsdocumenten
20 Onkostenvergoeding
21 Toezicht
22 Overgangs- en slotbepalingen
13
Artikel 31
-
Van het verbod van artikel 27, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend voor het in een optocht meevoeren van wapens van categorie III of IV.
-
De vrijstelling ingevolge het eerste lid geldt slechts indien:
de wapens worden meegevoerd door personen die op grond van de wet bevoegd zijn die wapens voorhanden te hebben, en
de burgemeester in de gemeente waar de optocht wordt gehouden schriftelijk heeft verklaard tegen het meevoeren van de in de verklaring omschreven wapens geen bedenkingen te hebben.
Artikel 32
-
Van het verbod van artikel 27, eerste lid, van de wet, wordt vrijstelling verleend aan door de Minister van Defensie erkende studentenweerbaarheidsverenigingen voor het dragen van wapens van categorie III, welke door de krijgsmacht ter beschikking zijn gesteld en van wapens van categorie IV, onder 2°.
-
De vrijstelling ingevolge het eerste lid geldt slechts indien:
in uniform gekleed en in onderling verband wordt opgetreden tot het verrichten van eerbetoon, het deelnemen aan een optocht of een afstandsmars dan wel het oefenen voor een van deze gelegenheden;
voorzover vuurwapens worden gedragen, de vereniging op grond van een verlof bevoegd is die vuurwapens voorhanden te hebben; en
de Minister van Defensie voor het dragen van de ter beschikking gestelde wapens tijdens het onder a bedoelde optreden toestemming heeft verleend, en de burgemeester in de gemeente waar wordt opgetreden daartegen geen bedenkingen heeft.