Regeling wapens en munitie

Inhoud
1 Begripsbepalingen
2 Nadere omschrijving van wapens
3 Aanwijzing voor bedreiging of afdreiging geschikte voorwerpen
3a Opsporingsambtenaren
4 Buitengewoon opsporingsambtenaren
5 Overige openbare dienst
6 Erkenningen; leeftijd, zedelijk gedrag en vakbekwaamheid
7 Erkenningen; beveiliging bedrijfsruimte
8 Erkenningen; registers
8a Markering van vuurwapens
9 Vrijstelling van de erkenningsplicht
9a Vrijstelling voor airsoftapparaten
10 Vrijstelling voor vuurwapens en munitie
10a Tijdelijke vrijstelling voor stiletto’s, valmessen en vlindermessen
11 Vrijstelling voor stroomstootwapens en noodsignaalmiddelen
12 Vrijstelling voor wapens van categorie IV
13 Vrijstelling voor ceremoniële wapens, optochten en studentenweerbaarheidsverenigingen
14 Vrijstelling voor schepen en luchtvaartuigen
15 Vrijstellingen sportschutters, jagers en personen die historische gebeurtenissen nabootsen voor buitenlandse activiteiten
16 Sportschutters en jagers
16a Schietvereniging
16b Opslageisen
17 Vrijstellingen voor vervoer
18 Administratie door de korpschef
19 Aanvraag- en bevoegdheidsdocumenten
20 Onkostenvergoeding
21 Toezicht
22 Overgangs- en slotbepalingen
Bijlage I
Bijlage II
Bijlage III
Bijlage IV

Artikel 5

Actueel
Je bekijkt de huidige officiële versie van 01-08-2025.
  1. Een voorschrift, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt slechts gegeven indien en voorzolang de noodzaak tot bewapening aannemelijk is en de bekwaamheid van opsporingsambtenaren van de bijzondere opsporingsdiensten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten en de buitengewoon opsporingsambtenaar in de omgang met het wapen en de munitie is aangetoond.

  2. Aan een voorschrift kunnen voorwaarden en beperkingen worden verbonden die betrekking hebben op de veiligheid, de bekwaamheid in de omgang met wapens en munitie, alsmede op de opslag en het vervoer daarvan.

  3. Indien aan het voorschrift een beperking is verbonden, geldt de vrijstelling in artikel 4, eerste lid, slechts voorzover het voorschrift reikt.

01-08-2025 Huidig 01-07-2025 Historisch 01-01-2024 Historisch 23-09-2022 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 23-09-2022.

Tekst van deze versie

  1. Een voorschrift, bedoeld in artikel 4, eerste lid, wordt slechts gegeven indien en voorzolang de noodzaak tot bewapening aannemelijk is en de bekwaamheid van opsporingsambtenaren van de bijzondere opsporingsdiensten, bedoeld in artikel 2 van de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten en de buitengewoon opsporingsambtenaar in de omgang met het wapen en de munitie is aangetoond.

  2. Aan een voorschrift kunnen voorwaarden en beperkingen worden verbonden die betrekking hebben op de veiligheid, de bekwaamheid in de omgang met wapens en munitie, alsmede op de opslag en het vervoer daarvan.

  3. Indien aan het voorschrift een beperking is verbonden, geldt de vrijstelling in artikel 4, eerste lid, slechts voorzover het voorschrift reikt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Regeling wapens en munitie