Van het verbod van artikel 27, eerste lid, van de wet wordt vrijstelling verleend voor:

  1. het dragen van lucht-, gas- en veerdrukwapens van categorie IV aan personen aan wie deze overeenkomstig artikel 15 of artikel 16 van deze regeling ter beschikking worden gesteld. Artikel 15, tweede lid, onder b en c, en artikel 16, tweede lid, onder b en c, van deze regeling zijn van overeenkomstige toepassing;

  2. het dragen van een wapen van categorie IV, onder 1°, aan personen ten aanzien van wie het wapen deel uitmaakt van hun duikuitrusting tijdens de beoefening van de duiksport.