1. Onder 'groot evenement' wordt voor de toepassing van dit artikel verstaan:

    1. een evenement waar op enig moment meer dan 600 bezoekers tegelijkertijd aanwezig zijn, of;

    2. een evenement of een gedeelte daarvan dat wordt georganiseerd in een aaneengesloten periode van meer dan twee achtereenvolgende dagen, of;

    3. een evenement dat naar het oordeel van de burgemeester ernstige gevolgen kan hebben voor de openbare orde.

  2. Een organisator van een evenement dient, voor 1 oktober van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het evenement plaatsvindt, bij de burgemeester een principeverzoek in.

  3. De burgemeester stelt jaarlijks op uiterlijk 1 december een evenementenkalender voor het daaropvolgende jaar vast. In deze kalender zijn de evenementen opgenomen voor zover daartoe op grond van het tweede lid een principeverzoek is ingediend.

  4. In afwijking van het tweede lid van artikel 1:8 kan de burgemeester besluiten een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in het eerste lid niet te behandelen als deze minder dan twaalf weken vóór het tijdstip waarop het evenement plaatsvindt wordt ingediend.

  5. Een vergunning voor een evenement als bedoeld in het eerste lid wordt geweigerd in het geval deze niet is opgenomen in de evenementenkalender als bedoeld in het derde lid.

  6. Met betrekking tot een niet-voorzienbaar evenement kan de burgemeester in afwijking van het vijfde lid vergunning verlenen zonder dat dit evenement in de evenementenkalender als bedoeld in het derde lid is opgenomen.