1. De vergunninghouder meldt aan de burgemeester welke persoon hij verzoekt als leidinggevende bij of af te schrijven.

  2. De melding op grond van het eerste lid geldt als aanvraag tot wijziging van het aanhangsel.

  3. De aanvraag tot wijziging moet geschieden door middel van een door de burgemeester vastgesteld formulier of elektronische informatiedrager en moet van de benodigde bijlagen zijn voorzien.

  4. De burgemeester bevestigt schriftelijk of elektronisch onverwijld de ontvangst van de aanvraag.

  5. Direct na bevestiging van ontvangst van de melding mag de leidinggevende als zodanig werkzaam zijn.

  6. De burgemeester weigert de wijziging van het aanhangsel indien niet voldaan wordt aan het gestelde in artikel 2:29, lid 6.

  7. De burgemeester verwijdert de leidinggevende uit het aanhangsel indien:

    1. de leidinggevende hier zelf om verzoekt;

    2. de vergunninghouder hier om verzoekt;

    3. de vergunninghouder ter verkrijging van het gewijzigde aanhangsel onjuiste dan wel onvolledige gegevens heeft verstrekt;

    4. niet langer wordt voldaan aan het gestelde in artikel 2:29.

  8. De vergunninghouder ontvangt een gewijzigd aanhangsel.