1. De aanvraag om een exploitatievergunning geschiedt door middel van een door de burgemeester vastgesteld formulier.

  2. Bij de aanvraag dienen in ieder geval de volgende gegevens te worden overgelegd:

    1. een geldig legitimatiebewijs van iedere leidinggevende;

    2. een nauwkeurige beschrijving van de indeling van het horecabedrijf en als het ook om een terras gaat een nauwkeurige beschrijving van de ligging en omvang van dat terras.

    3. indien het beoogde terras is gelegen op gemeentegrond, volstaat het verzoek aan het bevoegd gezag om daar terras in te mogen nemen. Het bevoegd gezag stelt dan de maximale afmetingen vast.

  3. Indien de burgemeester dit voor de beoordeling van de aanvraag nodig acht kan hij de overlegging van aanvullende bescheiden en gegevens verzoeken.

  4. In geval dat een aanvraag uitsluitend betrekking heeft op wijziging van de leidinggevende(n) dan is het tweede lid onder b. en c. niet van toepassing.

  5. Het bepaalde in het tweede lid, onder a. geldt niet ten aanzien van horecabedrijven waarvoor een vergunning is verleend op grond van de Alcoholwet waarop eenzelfde leidinggevende staat vermeld.

  6. De burgemeester beslist op de aanvraag om vergunning binnen acht weken na de dag waarop de aanvraag is ingekomen.

  7. De burgemeester kan zijn beslissing voor ten hoogste acht weken verdagen.

  8. Indien voor het horecabedrijf tevens een vergunning op grond van de Alcoholwet is vereist, houdt de burgemeester, in afwijking van het bepaalde in het zesde en zevende lid, zijn beslissing aan totdat op de aanvraag om vergunning als bedoeld in de Alcoholwet is beslist.

  9. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing op de vergunningen en ontheffingen in deze afdeling.