1. De vergunning voor een speelautomatenhal is persoons- en locatiegebonden en is niet overdraagbaar.

  2. In de vergunning voor een speelautomatenhal wordt de naam vermeld van alle leidinggevenden alsmede het vestigingsadres van de speelautomatenhal.

  3. Aan de vergunning voor een speelautomatenhal worden voorschriften en beperkingen verbonden. Deze hebben in elk geval betrekking op:

    1. de openingstijden van de speelautomatenhal;

    2. het toezicht in de speelautomatenhal;

    3. het toegangsregime en de toegangsregistratie van de speelautomatenhal;

    4. het voorkomen van de verstoring van de openbare orde en veiligheid;

    5. het voorkomen de van verstoring van het woon- en leefklimaat;

    6. het voorkomen en bestrijden van gokverslaving;

    7. het aantal kansspelautomaten dat mag worden opgesteld;

    8. de exploitatie van de speelautomatenhal.

  4. De speelautomatenhal mag uitsluitend voor het publiek geopend zijn, indien er een leidinggevende aanwezig is die op de vergunning vermeld staat.