Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Stein 2026 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk ALGEMENE BEPALINGEN
Hoofdstuk OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID
Paragraaf VOORKOMEN OF BESTRIJDING VAN ONGEREGELDHEDEN
Paragraaf BETOGING
Paragraaf VERSPREIDEN VAN GEDRUKTE STUKKEN
Paragraaf BRUIKBAARHEID EN AANZIEN VAN DE WEG
Paragraaf VEILIGHEID OP DE WEG
Paragraaf EVENEMENTEN
Paragraaf
Paragraaf TOEZICHT OP OPENBARE INRICHTING
Paragraaf TOEZICHT OP SMART- en HEADSHOPS
Paragraaf TOEZICHT OP INRICHTINGEN TOT HET VERSCHAFFEN VAN NACHTVERBLIJF
Paragraaf TOEZICHT OP SPEELGELEGENHEDEN
Paragraaf Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat
Paragraaf MAATREGELEN TEGEN OVERLAST EN BALDADIGHEID
Paragraaf VUURWERK
Paragraaf CARBID SCHIETEN
Paragraaf DRUGSOVERLAST
Paragraaf BESTUURLIJKE OPHOUDING, VEILIGHEIDSRISICOGEBIEDEN EN CAMERATOEZICHT OP OPENBARE PLAATSEN
Hoofdstuk SEKSINRICHTINGEN, SEKSWINKELS, STRAATPROSTITUTIE E.D.
Hoofdstuk BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
Hoofdstuk ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING DER GEMEENTE
Hoofdstuk STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Paragraaf

TOEZICHT OP OPENBARE INRICHTING

Artikel 2:18

Begripsbepalingen

In deze paragraaf wordt verstaan onder:

  1. Openbare inrichting: In deze afdeling wordt onder openbare inrichting verstaan een hotel, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt.;

  2. Terras: een buiten de in het eerste lid bedoelde besloten ruimte liggend deel waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt dat behoort bij een openbare inrichting indien zij in de onmiddellijke nabijheid van een horecalokaliteit zijn gelegen.

  3. Onder openbare inrichting wordt niet verstaan:

    • een horecagedeelte in een winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de horeca een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit;

    • bed and breakfast: particuliere verstrekking tegen betaling aan derden van uitsluitend logies(met ontbijt) zonder dienstverlening, waarbij het aanbod zich beperkt tot maximaal 4 slaapplaatsen verdeeld over maximaal 2 kamers;

    • horeca in een museum;

    • horeca in een zorginstelling;

    • een bedrijfskantine of –restaurant.

Artikel 2:19

Exploitatie openbare inrichting

  1. Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren, indien naar het oordeel van de burgemeester moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed.

  2. Bij de toepassing van sub a houdt de burgemeester rekening met het karakter van de straat en de wijk, waarin de openbare inrichting is gelegen of zal zijn gelegen, de aard van de openbare inrichting en de spanning, waaraan het woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de exploitatie.

Artikel 2:20

Sluitingstijd

  1. Het is de exploitant verboden de openbare inrichting voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de openbare inrichting te laten verblijven op: maandag tot en met vrijdag tussen 02.00 uur en 07.00 uur, en zaterdag en zondag tussen 03.00 uur en 07.00 uur.

  2. De burgemeester kan bij bijzondere gelegenheden van tijdelijke aard ontheffing verlenen van de sluitingstijd.

  3. Het in het eerste en tweede lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Wet milieubeheer.

  4. In afwijking van het in het eerste lid gestelde, is het de exploitant van een openbare inrichting verboden dit voor bezoekers geopend te hebben en aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven:

    1. in de nacht van 31 december op 1 januari;

    2. in de nacht voorafgaand aan Koningsdag;

    3. tijdens carnavals- en kermisdagen op maandag en dinsdag tussen 03.00 uur en 07.00 uur;

    4. op Aswoensdag;

    5. ten aanzien van de kermisdagen, zulks echter alleen voor die kern van de gemeente, waar de kermis wordt gehouden en alwaar de inrichting is gelegen.

  5. Het is de exploitant als bedoeld in het eerste lid verboden op de bij zijn/haar openbare inrichting behorende buiten- en /of binnenterras(sen) aldaar bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 00.00 uur ‘s avonds en 10.00 uur ‘s morgens.

  6. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Awb (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 2:21

Afwijking sluitingstijd; tijdelijke sluiting

  1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid of in geval van bijzondere omstandigheden voor een of meer openbare inrichtingen tijdelijk andere dan de krachtens artikel 2:20 geldende sluitingstijden vaststellen of tijdelijk sluiting bevelen.

  2. Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin artikel 13b van de Opiumwet voorziet.

Artikel 2:22

Verboden gedragingen

  1. Het is bezoekers verboden zich in een openbare inrichting te bevinden gedurende de tijd dat het bedrijf krachtens artikel 2:20 of ingevolge een op grond van artikel 2:21 genomen besluit gesloten dient te zijn.

  2. Het is verboden in een de openbare inrichting op het terras spijzen of dranken te verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras.

  3. De burgemeester kan nadere regels stellen.

Artikel 2:23

Handel binnen openbare inrichting

  1. In dit artikel wordt onder handelaar verstaan: de handelaar als bedoeld in artikel 1 van de algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht.

  2. De exploitant van een openbare inrichting laat niet toe dat een handelaar of een voor hem handelend persoon in dat bedrijf enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enig andere wijze overdraagt.

Artikel 2:24

Ordeverstoring

Het is verboden in een openbare inrichting de orde te verstoren.

Artikel 2:25

Het college als bevoegd bestuursorgaan

Indien een openbare inrichting geen inrichting is in de zin van artikel 174 van de Gemeentewet, treedt het college op als bevoegd bestuursorgaan voor de toepassing van artikel 2:19 tot en met 2:22.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Gemeente Stein 2026