Onverminderd het bepaalde in artikel 2:33 kan de burgemeester een inrichting, al dan niet voor een bepaalde termijn gesloten verklaren indien:

  1. de exploitant van de inrichting handelt in strijd met het bepaalde in de artikelen 2:27, eerste lid, 2:29, tweede lid, of 2:31, eerste lid;

  2. de exploitant van de inrichting handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.