1. Het is verboden bijen te houden binnen een afstand van 30 meter:

    1. van woningen of andere gebouwen waarin overdag mensen verblijven; en/of

    2. van de weg.

  2. Het verbod bedoeld in het eerste lid, is niet van toepassing als op een afstand van ten hoogste zes meter vanaf de korven of kasten een legale afscheiding is aangebracht van twee meter hoogte of zoveel hoger als noodzakelijk is om het laag uit en invliegen van de bijen te voorkomen.

  3. Het verbod bedoeld in het eerste lid, aanhef en onder a, gestelde verbod is niet van toepassing voor de bijenhouder die rechthebbende is op de woningen of gebouwen als bedoeld in dat lid.

  4. Het in het eerste lid, aanhef en onder b, gestelde verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapverordening.

  5. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.

  6. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.