1. Het aantal incidentele festiviteiten per kalenderjaar bedraagt maximaal 6.

  2. De waarden voor geluid, bedoeld in de artikelen 22.63 tot en met 22.71 van het omgevingsplan, zijn niet van toepassing op de collectieve en incidentele festiviteiten.

  3. Collectieve en incidentele festiviteiten vinden uitsluitend inpandig plaats.

  4. Tijdens collectieve en incidentele festiviteiten blijven ramen en deuren gesloten, behoudens voor het onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.

  5. Het equivalente geluidniveau Leq van collectieve en incidentele festiviteiten bedraagt niet meer dan:

    1. Leq = 70 dB(A) en 85 dB(C), tussen 08.00 en 19.00 uur,

    2. Leq = 65 dB(A) en 80 dB(C), tussen 19.00 en 23.00 uur,

    3. Leq = 60 dB(A) en 75 dB(C), tussen 23.00 en 02.00 uur,

    op 1 meter vóór de gevel van een geluidgevoelig gebouw, dan wel op een afstand van 50 meter vanaf het gebouw waarin de festiviteiten plaatsvinden, indien zich binnen die afstand geen geluidgevoelige objecten bevinden.

  6. Het maximaal toegelaten geluidsniveau als bedoeld in het vijfde lid, mag op zondag vanaf 13:00 uur en op maandag tot en met zaterdag vanaf 08:00 uur aanvangen.

  7. Collectieve en incidentele festiviteiten worden uiterlijk om 02:00 uur beëindigd.

  8. Bij het bepalen van equivalente geluidniveau Leq als bedoeld in het vijfde lid wordt:

    1. onversterkte muziek meegenomen;

    2. geen muziekgeluidcorrectie toegepast;

    3. de bedrijfsduurcorrectie niet meegerekend.

  9. Op het bepalen van het geluid als bedoeld in het vijfde lid, is bijlage IVh (meet- en rekenmethode geluid industrie) van de Omgevingsregeling van toepassing, met dien verstande dat:

    1. het geluid gemeten wordt op 1 meter vóór de gevel van een geluidgevoelig gebouw, op een meethoogte van 1,5 meter, dan wel op een afstand van 50 meter vanaf het gebouw waarin de festiviteiten plaatsvinden, indien zich binnen die afstand geen geluidgevoelige objecten bevinden;

    2. de vereiste meetduur minimaal 3 minuten bedraagt.