1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van bijzondere omstandigheden, voor een seksinrichting, als bedoeld in dit hoofdstuk, sluitingstijden vaststellen.

  2. Het is de houder van een seksinrichting verboden de seksinrichting geopend te hebben, daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven na het sluitingsuur, dat de burgemeester op grond van het eerste lid heeft vastgesteld.

  3. Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich daarin te bevinden gedurende de tijd dat die seksinrichting krachtens het eerste lid of tweede lid dan wel krachtens artikel 3:13, eerste lid gesloten dient te zijn.

  4. Het in het eerste en tweede lid bepaalde geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door op de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften.