1. Besluiten, genomen krachtens de derde wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening 2012 Pijnacker-Nootdorp, die golden op het moment van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening.

  2. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een besluit op grond van de derde wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening 2012 Pijnacker-Nootdorp is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt daarop de overeenkomstige bepaling van de onderhavige verordening toegepast.

  3. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een besluit dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 6:4 is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van deze verordening.

  4. De inwerkingtreding van deze verordening heeft geen gevolgen voor de geldigheid van de nadere regels en aanwijzingsbesluiten genomen krachtens de derde wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening 2012 Pijnacker-Nootdorp, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken.