De burgemeester is bevoegd overeenkomstig artikel 154a van de Gemeentewet te besluiten tot het tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van personen op een door hem aangewezen plaats indien deze personen het bepaalde in artikel 2:1, 6:1, 6:2, 2:13, 2:46, 2:46 A, 2:47, 2:45, 2:49 of 6:40 van de Algemene plaatselijke verordening groepsgewijs niet naleven.