1. Het is verboden de weg, parkeergelegenheid of aangelegen plantsoen als slaapplaats te gebruiken en op of aan de weg of parkeergelegenheid een voertuig, woonwagen, tent of ander onderkomen als slaapplaats te gebruiken, daarin te overnachten of daartoe gelegenheid te bieden.
2. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod.
3. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen en niet voor vrachtwagenchauffeurs die bij de uitoefening van hun beroep in de cabine van hun vrachtwagen overnachten.
4. Op de ontheffing bedoeld in het tweede lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.