1. Het is verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke drank te verstrekken dan wel sterke drank in een al dan niet voor het publiek toegankelijke ruimte voorraad te hebben in:

    1. een paracommerciële rechtspersoon;

    2. een snackbar;

    3. een inrichting waarin een horecabedrijf wordt uitgeoefend welke deel uitmaakt van een gebouw dat of waarvan een onderdeel uitsluitend of in hoofdzaak wordt gebruikt

    1˚om onderwijs te geven aan leerlingen die merendeels de leeftijd van

    achttien jaar nog niet hebben bereikt, of

    2˚bij een of meer jeugd- of jongerenorganisaties, of

    3˚als gemeentelijk wijkgebouw of buurthuis, of

    4˚bij één of meer sportorganisaties of –instellingen.

  2. Het is in het belang van de openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid of bescherming van milieu verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet sterke of zwak-alcoholhoudende drank te verstrekken in een inrichting:

    1. gedurende een door de burgemeester te bepalen periode;

    2. die ligt in door de burgemeester aangewezen gebied anders dan bedoeld in onderdeel c;

    3. die ligt in een burgemeester aangewezen veiligheidsrisicogebied als bedoeld in artikel 2:76.

  3. De burgemeester kan aan een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de wet voorschriften verbinden en de vergunning beperken tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.