In deze afdeling wordt onder consumentenvuurwerk verstaan vuurwerk van categorie F1, F2 of F3 dat op grond van artikel 2.1.1 van het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik.
Algemene plaatselijke verordening Midden-Drenthe 2020 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 16-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN
HOOFDSTUK II OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID, VOLKSGEZONDHEID EN MILIEU
Paragraaf AFDELING 1 Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Paragraaf AFDELING 2 Bruikbaarheid en aanzien van de weg
Paragraaf AFDELING 5 Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Drank- en Horecawet
Paragraaf AFDELING 7 Toezicht op speelgelegenheden
Paragraaf AFDELING 8 Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Paragraaf AFDELING 9 Bepalingen ter bestrijding van heling van goederen
Paragraaf AFDELING 10 Consumentenvuurwerk, carbid
Paragraaf AFDELING 11 Overlast van drugs en andere roesmiddelen in de openbare ruimte
Paragraaf AFDELING 12 Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
HOOFDSTUK III REGULERING PROSTITUTIE, SEKSBRANCHE EN AANVERWANTE ONDERWERPEN
HOOFDSTUK IV BESCHERMEN VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK V ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK VI STRAF- OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
Paragraaf
Artikel 2:72
Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk tijdens de verkoopdagen
Het is verboden in de uitoefening van een bedrijf of nevenbedrijf consumentenvuurwerk ter beschikking te stellen dan wel voor het ter beschikking stellen aanwezig te houden, zonder vergunning van het college.
Artikel 2:73
Gebruik van consumentenvuurwerk tijdens de jaarwisseling
Het is verboden om consumentenvuurwerk tot ontbranding te brengen.
Het verbod is niet van toepassing op door het college aangewezen plaatsen.
Het is te allen tijde verboden consumentenvuurwerk te gebruiken binnen een afstand van 50 meter van een gebouw voorzien van een rieten dak.
Het is verboden consumentenvuurwerk op een aangewezen plaats te gebruiken als dat gevaar, schade of overlast kan veroorzaken.
De verboden bedoeld in het eerste, en derde lid zijn niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1˚, van het Wetboek van Strafrecht.
Artikel 2:73a
Bij zich hebben van carbid
Het is verboden carbid (calciumcarbide) op of aan de weg of op een voor het publiek toegankelijke plaats bij zich te hebben, dat ertoe kan dienen de openbare orde te verstoren of aanleiding kan geven tot hinder of overlast.
Het verbod, bedoeld in het eerste lid, geldt niet indien het carbid niet bestemd is of gebruikt wordt voor de in dat lid bedoelde handelingen.
Artikel 2:73b
Bezigen van carbid
Het is verboden acetyleengas afkomstig van reactie tussen carbid (calciumcarbide) en water of gasmengsels met vergelijkbare eigenschappen op explosieve wijze te verbranden.
Het verbod gesteld in het eerste lid geldt niet indien:
gebruik wordt gemaakt van melkbussen en/of vergelijkbare voorwerpen met een inhoud van niet meer dan 40 liter;
tenminste één van de gebruikers 18 jaar of ouder is, en bij het gebruik steeds een persoon van 18 jaar of ouder aanwezig is;
er in een gebied van minimaal 75 meter in de schootsrichting geen personen aanwezig zijn;
het gebruik plaatsvindt in de periode van 31 december vanaf 10.00 uur tot de daaropvolgende 1 januari 02.00 uur;
van het gebruik uiterlijk op 28 december om 12.00 uur schriftelijk melding is gedaan aan het college, waarbij de melding de volgende gegevens bevat:
de naam en de adresgegevens van de melder;
de naam en de adresgegevens van de meerderjarige gebruiker(s);
de toestemming van de eigenaar van het terrein van waaraf geschoten wordt;
een kaart waarop de betreffende locatie is ingetekend en waarop de schootsrichting is aangegeven;
de plaats van het gebruik is gelegen:
op een afstand van tenminste 75 meter van woonbebouwing;
op een afstand van tenminste 300 meter van inrichtingen van intramurale zorg;
op een afstand van tenminste 300 meter van in gebruik zijnde voorzieningen voor het houden van dieren - niet zijnde huisdieren die in of bij een woning worden gehouden, en
op een afstand van tenminste 300 meter van bossen en natuurgebieden buiten de bebouwde kom;
de schootsrichting tegengesteld is aan de richting waarin de dichtstbijzijnde bebouwing, bos of natuurgebied als bedoeld in lid 2 subf is gelegen, en
binnen een afstand van 75 meter in de schootsrichting geen openbare wegen of paden zijn.
Dit artikel is niet van toepassing voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Omgevingswet, de Wet wapens en munitie, de Wet vervoer gevaarlijke stoffen en het Wetboek van Strafrecht.
Het college kan een formulier vaststellen voor de melding als bedoeld in het tweede lid.
Het college kan in bijzondere gevallen van het verbod ontheffing verlenen.