Onverminderd het bepaalde in artikel 1.6 kan de burgemeester de vergunning tijdelijk of voor onbepaalde tijd geheel of gedeeltelijk intrekken of wijzigen indien:

  1. de exploitant of de leidinggevende niet langer voldoet aan de in artikel 2.19 gestelde eisen;

  2. de exploitatie van de openbare inrichting voor een periode van zes maanden is of wordt onderbroken.