1. Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en de daarbij op grond van artikel 1:4 gegeven voorschriften en beperkingen wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.

  2. In afwijking van het eerste lid wordt overtreding van het bij of krachtens de volgende artikelen bepaalde en de daarbij op grond van artikel 1:4 gegeven voorschriften en beperkingen gestraft met een geldboete van de eerste categorie: artikelen 2:47, 2:47A, 2:48, 2:48A, 2:49, 2:50, 2;51, 2:59, 2:59A, 2:73A, 2:73B.