1. De burgemeester kan ter bescherming van de openbare orde en veiligheid de sluiting bevelen van een recreatiepark indien daar zich feiten en omstandigheden voordoen die de vrees wettigen dat het geopend blijven van het recreatiepark ernstig gevaar oplevert voor de openbare orde en veiligheid.

  2. De burgemeester kan de sluiting bevelen van een recreatiepark indien de exploitant of beheerder handelt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften.

  3. De burgemeester trekt het sluitingsbevel in als naar zijn oordeel de in het eerste lid genoemde belangen voortzetting van de sluiting niet langer vereisen.

  4. De burgemeester draagt zorg voor het aanbrengen van het bevel tot sluiting bij de toegang van de inrichting of in de directe nabijheid daarvan.

  5. De rechthebbende laat toe dat een afschrift van het sluitingsbevel wordt aangebracht.