1. Een aanvraag om een vergunning voor een openbare inrichting wordt ingediend op een daarvoor beschikbaar gesteld formulier.

  2. Bij de aanvraag van een vergunning voor een openbare inrichting wordt vermeld voor welke activiteit een vergunning wordt gevraagd en wordt opgave gedaan van in ieder geval de volgende gegevens en bescheiden:

    1. de persoonsgegevens van de exploitant (en);

    2. de contactgegevens van de exploitant(en);

    3. een kopie van een geldig legitimatiebewijs van de exploitant(en);

    4. het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

    5. het adres waar de openbare inrichting wordt uitgeoefend;

    6. een bedrijfsplan over de werkzaamheden, de te verkopen producten, de exploitatievorm, de gewenste sluitingstijden en de doelgroep(en);

    7. een volledig ingevuld Bibob vragenformulier en de daarbij behorende bijlagen;

    8. indien van toepassing: als in de vijf jaar voorafgaand aan de aanvraag reeds eerder een aanvraag van een vergunning voor een openbare inrichting door de exploitant is geweigerd of een aan de exploitant verleende vergunning voor een openbare inrichting is ingetrokken, een afschrift van deze weigering of intrekking;

    9. een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimtes bestemd voor de uitoefening van de openbare inrichting;

    10. een beschrijving en plattegrond op schaal van de indeling van de openbare inrichting en voor zover van toepassing een beschrijving en plattegrond op schaal van de ligging en omvang van het terras;

    11. de beoogde openingstijden.

  3. Indien een leidinggevende is aangesteld, is het tweede lid, onder a, b, c en h van overeenkomstige toepassing op de leidinggevende.

  4. De burgemeester kan aanvullende gegevens of bescheiden verlangen.