[vervallen]
Algemene Plaatselijke Verordening 2008 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 16-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Hoofdstuk Hoofdstuk 2 Orde en veiligheid
Hoofdstuk Hoofdstuk 3 Exploitatie van bedrijven
Paragraaf
Artikel 2.8A
Het alcoholoverlastgebied
-
Het gebied in bijlage 2 bij deze verordening wordt aangewezen als alcoholoverlastgebied in verband met ernstige aantasting van de openbare orde, de leefomgeving en de volksgezondheid door het gebruik van alcohol in dat gebied. Deze aanwijzing geldt tot 1 april 2027.
-
De burgemeester kan in het alcoholoverlastgebied;
de alcoholwetvergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet weigeren gelet op het geldende alcoholoverlastgebied.
eisen stellen aan de vergunning en deze beperken tot het verstrekken van zwak-alcoholhoudende drank.
Het bedrijfsmatig of anders dan om niet verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse in inrichtingen verbieden.
-
In het alcoholoverlastgebied worden gelet op de belangen in het eerste lid geen nieuwe Alcoholwetvergunningen verleend, met uitzondering van locaties waar op of na de in bijlage 2 vermelde peildatum sprake was van een geldige Alcoholwetvergunning.
-
In het alcoholoverlastgebied is het op donderdag en zondag van 16:00 tot 03:00 en op vrijdag en zaterdag van 16:00 tot 04:00 verboden bedrijfsmatig of anders dan om niet:
zwak-alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse te verstrekken;
zwak-alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse aanwezig te hebben;
zonder dat deze is afgeschermd;
zonder dat kenbaar gemaakt wordt dat deze niet verstrekt mag worden;
alcoholhoudende drank;
zichtbaar uit te stallen in de etalage;
te promoten door middel van reclame in de etalage, in of rondom de onderneming;
sterke drank voor gebruik elders dan ter plaatse te verstrekken tenzij deze in een afgesloten tas wordt verstrekt en kenbaar wordt gemaakt dat in de openbare ruimte van het gebied een verbod op alcoholgebruik geldt.
-
Het vierde lid sub b onder i en sub c gelden niet voor slijtlokaliteiten.
Artikel 2.9
Verblijfsverbod algemeen overlastgebied
-
De burgemeester kan een tijdelijk verbod opleggen om gedurende 24 uur in een algemeen overlastgebied aanwezig te zijn aan degene die een van de volgende artikelen overtreedt of feiten of handelingen begaat;
artikel 2.2, eerste lid;
artikel 2.5, eerste lid;
artikel 2.7, eerste of tweede lid;
artikel 2.12, eerste lid;
artikel 2.17, eerste of tweede lid;
artikel 2.18, eerste of tweede lid;
artikel 2.21;
artikel 2.22, eerste lid;
artikel 131 Wetboek van Strafrecht;
artikel 350 Wetboek van Strafrecht;
artikel 426 Wetboek van Strafrecht;
zakkenrollerij;
geweldsdelicten pleegt;
diefstallen uit auto’s op of aan de weg pleegt, of
wapens als bedoeld in artikel 2 van de Wet wapens en munitie voorhanden heeft.
-
Als in het afgelopen jaar een verblijfsverbod voor 24 uur als bedoeld in het eerste lid aan de overtreder is opgelegd, kan de burgemeester hem bij herhaalde overtreding naast een verblijfsverbod voor 24 uur een verblijfsverbod voor een maand opleggen.
-
Als in het afgelopen jaar eerder een verblijfsverbod voor een maand als bedoeld in het tweede lid of een verblijfsverbod voor drie maanden aan de overtreder is opgelegd, kan de burgemeester hem bij herhaalde overtreding naast een verblijfsverbod voor 24 uur een verblijfsverbod voor drie maanden opleggen.
Artikel 2.10A
Geldautomaten
-
De burgemeester kan in het belang van de openbare orde een gebruiks- of herplaatsingsverbod van een geldautomaat bevelen als daarop een plofkraak of poging tot plofkraak heeft plaatsgevonden.
-
De burgemeester trekt het verbod in als door de rechthebbende van de geldautomaat:
een veiligheidsonderzoek is uitgevoerd waarin de risico’s van de geldautomaat zijn onderzocht en
maatregelen naar aanleiding van het veiligheidsonderzoek zijn getroffen die naar het oordeel van de burgemeester voldoende zijn om het risico op een nieuwe plofkraak tegen te gaan.
-
In het veiligheidsonderzoek wordt in ieder geval meegenomen:
of er alternatieve locaties in de buurt zijn waar geen sprake is van boven- en naaste bewoning en
welke aanvullende veiligheidsmaatregelen mogelijk zijn tegen plofkraken.
-
De burgemeester draagt zorg voor het aanbrengen van het bevel tot het verbod tot gebruik/herplaatsing op de geldautomaat, of in de directe nabijheid daarvan.
-
De rechthebbende laat toe dat een afschrift van het bevel wordt aangebracht op de geldautomaat.
Artikel 2.16a
Aanwijzing van een gebied of gebouw als vergunningplichtig voor bepaalde bedrijfsmatige activiteiten
De burgemeester kan een gebied of gebouw aanwijzen waarin het is verboden om zonder vergunning als bedoeld in artikel 3.64 bepaalde categorieën bedrijfsmatige activiteiten uit te oefenen die naar zijn oordeel de openbare orde of veiligheid verstoren, ondermijning veroorzaken of de spanning waaraan de leefbaarheid ter plaatse reeds bloot staat op ontoelaatbare wijze nadelig beïnvloeden.
De burgemeester kan op grond van de belangen genoemd in het eerste lid gebouwen aanwijzen waar het verbod van artikel 3.64 van toepassing is als in de afgelopen vijf jaar vergunningen op basis van dat artikel aan een betrokkene bij de exploitatie van die gebouwen zijn geweigerd of buiten behandeling zijn gesteld.
De burgemeester kan in het aanwijzingsbesluit als bedoeld in het eerste en tweede lid bepalen dat er gedurende de openingstijden van de bedrijfsmatige activiteit een leidinggevende aanwezig is.