Wet basisregistratie personen

Inhoud

Artikel 2.28

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2023.
  1. De griffier van de rechtbank die in het curatele- en bewindregister melding heeft gemaakt van een rechterlijke uitspraak waarbij met betrekking tot een persoon een voorziening in de curatele is getroffen, doet daarvan mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente, onder vermelding van de persoon die het betreft en de datum waarop de rechtsgeldigheid van de voorziening ingaat.

  2. De griffier doet overeenkomstige mededeling van elke beslissing, houdende vernietiging van een rechterlijke uitspraak als bedoeld in het eerste lid, en van beëindiging van de curatele.

  3. De griffier van de rechtbank die in het gezagsregister aantekening heeft gehouden van een rechtsfeit dat betrekking heeft op de gezagsuitoefening over een minderjarige, welk van belang is voor de bijhouding van de basisregistratie, met betrekking tot de in artikel 2.7, eerste lid, onder a, onderdeel 4°, bedoelde gegevens, doet van dit rechtsfeit mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente van de minderjarige.

  4. De in het derde lid bedoelde mededeling geeft uitsluitend aan welke minderjarige het betreft, welk rechtsfeit met betrekking tot de gezagsuitoefening heeft plaatsgevonden alsmede de datum waarop het rechtsgevolg hiervan intreedt.

11-11-2025 Huidig 12-02-2025 Historisch 01-10-2023 Historisch 15-05-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 22-10-2022 Historisch 01-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-07-2021

Tekst van deze versie

  1. De griffier van de rechtbank die in het curatele- en bewindregister melding heeft gemaakt van een rechterlijke uitspraak waarbij met betrekking tot een persoon een voorziening in de curatele is getroffen, doet daarvan mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente, onder vermelding van de persoon die het betreft en de datum waarop de rechtsgeldigheid van de voorziening ingaat.

  2. De griffier doet overeenkomstige mededeling van elke beslissing, houdende vernietiging van een rechterlijke uitspraak als bedoeld in het eerste lid, en van beëindiging van de curatele.

  3. De griffier van de rechtbank die in het gezagsregister aantekening heeft gehouden van een wijziging in het gezagrechtsfeit dat betrekking heeft op de gezagsuitoefening over een minderjarigeminderjarige, wordt uitgeoefend, welkewelk van belang is voor de bijhouding van de basisregistratie, met betrekking tot de in artikel 2.7, eerste lid, onder a, onderdeel 4°, bedoelde gegevens, doet van dedit wijzigingrechtsfeit mededeling aan het college van burgemeester en wethouders van de bijhoudingsgemeente van de minderjarige.
  4. De in het derde lid bedoelde mededeling geeft uitsluitend aan welke minderjarige het betreft, welkewelk wijzigingrechtsfeit inmet hetbetrekking gezagtot de gezagsuitoefening heeft plaatsgevonden alsmede de datum waarop dehet wijzigingrechtsgevolg ingaat.hiervan intreedt.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet basisregistratie personen