Wet basisregistratie personen

Inhoud

Artikel 2.23

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2022.
  1. Indien het woonadres ontbreekt dan wel artikel 2.40 of artikel 2.41 van toepassing is, wordt op aangifte een briefadres opgenomen.

  2. Het college van burgemeester en wethouders neemt ambtshalve een briefadres op indien het woonadres ontbreekt en geen aangifte wordt gedaan van een briefadres.

  3. Indien toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, wordt als briefadres opgenomen met instemming van een briefadresgever als bedoeld in artikel 2.42 diens adres of, indien geen instemming van een briefadresgever wordt verkregen, een adres van de gemeente.

11-11-2025 Huidig 12-02-2025 Historisch 01-10-2023 Historisch 15-05-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 22-10-2022 Historisch 01-03-2022 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch

Vergelijking met vorige versie

Vergeleken met 01-07-2021

Tekst van deze versie

  1. Indien het woonadres ontbreekt dan wel artikel 2.40 of artikel 2.41 van toepassing is, wordt op aangifte een briefadres opgenomen.

  2. Het college van burgemeester en wethouders is bevoegdneemt ambtshalve een briefadres op te nemen indien het woonadres ontbreekt en geen aangifte wordt gedaan van een briefadres. Het college neemt ambtshalve geen briefadres op dan met instemming van de briefadresgever.
  3. Indien toepassing wordt gegeven aan het tweede lid, wordt als briefadres opgenomen met instemming van een briefadresgever als bedoeld in artikel 2.42 diens adres of, indien geen instemming van een briefadresgever wordt verkregen, een adres van de gemeente.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Wet basisregistratie personen