-
Degene wiens ontheffing wordt ingetrokken ontdoet zich van de middelen waarop de ontheffing betrekking heeft, gedurende het tijdvak, gelegen tussen de mededeling van de intrekking en de laatste dag waarop de ontheffing geldt. Hij ontdoet zich van die middelen hetzij door vernietiging, hetzij door overdracht aan personen, rechtspersonen daaronder begrepen, die bevoegd zijn tot het verrichten van handelingen als bedoeld in de artikelen 2, 2a, eerste lid, of 3.
-
In afwijking van het eerste lid, ontdoet de houder van een ontheffing voor de teelt van hennep zich van de middelen waarop de ontheffing betrekking heeft, hetzij door vernietiging van die middelen, hetzij door overdracht daarvan aan Onze Minister.
Inhoud
- Artikel 1
- Artikel 2
- Artikel 2a
- Artikel 3
- Artikel 3a
- Artikel 3aa
- Artikel 3b
- Artikel 3c
- Artikel 4
- Artikel 5
- Artikel 6
- Artikel 6a
- Artikel 7
- Artikel 8
- Artikel 8a
- Artikel 8b
- Artikel 8c
- Artikel 8d
- Artikel 8e
- Artikel 8f
- Artikel 8g
- Artikel 8h
- Artikel 8i
- Artikel 8j
- Artikel 8k
- Artikel 9
- Artikel 9a
- Artikel 9b
- Artikel 10
- Artikel 10a
- Artikel 10b
- Artikel 10c
- Artikel 11
- Artikel 11a
- Artikel 11b
- Artikel 12
- Artikel 13
- Artikel 13a
- Artikel 13b
- Artikel 13d
- Artikel 14
- Artikel 15
Artikel 8f
Actueel
Nog geen automatische verwijzingen.
Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.