Opiumwet

Inhoud

Artikel 13a

Je bekijkt de huidige officiële versie van 09-07-2026.
  1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 33 tot en met 34 en 36b tot en met 36d van het Wetboek van Strafrecht en artikel 6:1:12 van het Wetboek van Strafvordering worden de in lijst I of II bedoelde middelen of substanties die deel uitmaken van een stofgroep als bedoeld in lijst IA of de preparaten daarvan, met uitzondering van de middelen bedoeld in artikel 2a, tweede lid, verbeurd of aan het verkeer onttrokken verklaard.

  2. Ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, van het Wetboek van Strafrecht, vermelde rechten kan worden uitgesproken bij veroordeling wegens een der in de artikelen 10, tweede tot en met vijfde lid,10a, eerste lid, 10b, tweede lid, 11, derde tot en met vijfde lid, en 11b, eerste lid, omschreven misdrijven en de schuldige kan worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf heeft gepleegd.

09-07-2026 Huidig 28-01-2026 Historisch 01-01-2026 Historisch 01-07-2025 Historisch 16-04-2024 Historisch 12-09-2023 Historisch 01-01-2023 Historisch 01-07-2022 Historisch 28-10-2021 Historisch 01-07-2021 Historisch 17-11-2020 Historisch 01-01-2020 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 01-01-2026.

Tekst van deze versie

  1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 33 tot en met 34 en 36b tot en met 36d van het Wetboek van Strafrecht en artikel 6:1:12 van het Wetboek van Strafvordering worden de in lijst I of II bedoelde middelen of substanties die deel uitmaken van een stofgroep als bedoeld in lijst IA of de preparaten daarvan, met uitzondering van de middelen bedoeld in artikel 2a, tweede lid, verbeurd of aan het verkeer onttrokken verklaard.

  2. Ontzetting van de in artikel 28, eerste lid, onder 1°, 2° en 4°, van het Wetboek van Strafrecht, vermelde rechten kan worden uitgesproken bij veroordeling wegens een der in de artikelen 10, tweede tot en met vijfde lid,10a, eerste lid, 10b, tweede lid, 11, derde tot en met vijfde lid, en 11b, eerste lid, omschreven misdrijven en de schuldige kan worden ontzet van de uitoefening van het beroep waarin hij het misdrijf heeft gepleegd.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Opiumwet