1. Als besluiten als bedoeld in artikel 16.87a van de wet worden aangewezen voor zover het gaat om de aanleg, de uitbreiding, het onderhoud of de aanpassing van een transmissie- of distributiesysteem voor elektriciteit als bedoeld in artikel 1.1 van de Energiewet met een spanningsniveau van 21 kV of meer:

    1. de vaststelling of wijziging van een omgevingsplan; en

    2. de beslissing op een aanvraag om een omgevingsvergunning voor:

      1. 1°

        een omgevingsplanactiviteit bestaande uit:

        1. i

          een bouwactiviteit en het in stand houden en gebruiken van het te bouwen bouwwerk;

        2. ii

          het gebruiken van een locatie voor het verrichten van een activiteit als bedoeld onder i; of

        3. iii

          het gebruiken van een locatie voor het in stand houden en gebruiken van een werk, geen bouwwerk zijnde; of

      2. 2°

        een bouwactiviteit.

  2. Onze Minister van Klimaat en Groene Groei is belast met de uitvoering van de monitoring van de effecten van deze aanwijzing en zendt jaarlijks aan beide kamers der Staten-Generaal een verslag over de resultaten van de monitoring.

  3. De monitoring vindt plaats door gegevens te verzamelen over:

    1. het aantal beroepen dat bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State aanhangig is gemaakt en betrekking heeft op besluiten die zijn aangewezen in het eerste lid;

    2. de gemiddelde doorlooptijd van de beroepen.

  4. Onze Minister van Klimaat en Groene Groei zendt ten minste drie maanden voor het einde van de termijn, bedoeld in het vijfde lid, aan beide kamers der Staten-Generaal een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van de aanwijzing, en ook een standpunt over de verlenging van de aanwijzing.

  5. Dit artikel vervalt op 1 januari 2032.