1. Het college heeft de mogelijkheid om collectieve festiviteiten aan te wijzen. Tijdens deze festiviteiten gelden de geluidsnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19 en 2.20 van het Besluit niet.

  2. De beperking met betrekking tot de verlichting ten behoeve van sportbeoefening op sportterreinen als bedoeld in artikel 3.148, eerste lid, van het Besluit geldt niet voor door het college per kalenderjaar aan te wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij aan te wijzen dagen of dagdelen.

  3. De aanwijzing als bedoeld in het eerste en het tweede lid kan de gehele gemeente betreffen, of een in de aanwijzing aangegeven gedeelte daarvan.

  4. Het college publiceert ten minste vier weken voor het begin van een nieuw kalenderjaar in één of meer huis aan huisbladen welke festiviteiten binnen de gemeente of een gedeelte van de gemeente worden aangemerkt als collectieve festiviteit in het nieuwe kalenderjaar.

  5. Het college kan wanneer een collectieve festiviteit redelijkerwijs niet te voorzien was, een festiviteit direct als collectieve festiviteit als bedoeld in het eerste lid aanwijzen.

  6. Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten gehore brengen van extra muziek - hoger dan de geluidnormen als bedoeld in de artikelen 2.17, 2.19, 2.20 van het Besluit – uiterlijk om 02.00 uur beëindigd.

  7. In afwijking van het zesde lid wordt het buiten de bebouwing ten gehore brengen van de genoemde extra muziek in de nachten van zondag tot en met donderdag uiterlijk om 00.00 uur beëindigd en in de nachten van vrijdag en zaterdag uiterlijk om 01:00 uur beëindigd*.

    *) voor de dag van de préPC, de PC en de Agrarische Dagen wordt de eindtijd genoemd in het zevende lid verschoven naar 02.00 uur, tenzij door het college een andere eindtijd is vastgelegd, zoals bedoeld in het vierde lid.