1. Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben.

  2. Het college weigert de vergunning wegens strijd met het omgevingsplan.

  3. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd als:

    1. de standplaats hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand; of

    2. een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang.

    3. de aanvrager (natuurlijke personen en/of bestuurders/directeuren van rechtspersonen) en degene die de standplaats feitelijk inneemt:

      1. onder curatele staat of uit de ouderlijke macht of de voogdij is gezet

      2. in enig opzicht van slecht levensgedrag is of wanneer de aanvrager nog niet de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, volgt een businessplantoets door de gemeente. Bij twijfel aan de beweegredenen van de aanvrager en van degene(n) die de standplaats feitelijk inneemt, kan de vergunning geweigerd worden.

  4. Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.