Algemene plaatselijke verordening gemeente Leiden 2020 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Paragraaf Afdeling 1. Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Paragraaf Afdeling 2. Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Paragraaf Afdeling 3. Evenementen
Paragraaf Afdeling 4. Toezicht op openbare inrichtingen
Paragraaf Afdeling 5. Regulering paracommerciële rechtspersonen
Paragraaf [vervallen]
Paragraaf Afdeling 6. Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf
Paragraaf Afdeling 7. Toezicht op speelgelegenheden
Paragraaf Afdeling 8. Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Paragraaf Afdeling 9. Bestrijding van heling van goederen
Paragraaf Afdeling 10. Consumentenvuurwerk en carbidschieten
Paragraaf Afdeling 11. Drugsoverlast
Paragraaf Afdeling 12. Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Seksinrichtingen en dergelijke
Paragraaf Afdeling 1. Begripsbepalingen
Afdeling Seksinrichtingen, straatsekswerk, sekswinkels en dergelijke
Afdeling Beslistermijn, weigeringsgronden en intrekkingsgronden
Afdeling Bedrijfsplan en verdere verplichtingen
Afdeling Beëindiging exploitatie en wijziging beheer
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Paragraaf

Afdeling 4. Toezicht op openbare inrichtingen

Artikel 2:27

Begripsbepalingen

  1. In deze afdeling wordt verstaan onder inrichting:

    1. alle inrichtingen, bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Alcoholwet, met uitzondering van die, waarin het slijtersbedrijf wordt uitgeoefend;

    2. alle plaatsen niet zijnde inrichtingen als bedoeld onder a, waarvoor een ontheffing geldt krachtens artikel 35 van de Alcoholwet;

    3. de besloten ruimten, waar bedrijfsmatig alcoholvrije drank voor gebruik ter plaatse wordt verstrekt, met uitzondering van:

      1. de besloten ruimten, waar de verstrekking geschiedt krachtens een vergunning ingevolge de wet tot het uitoefenen van een horecabedrijf of horecawerkzaamheid of als dienstverlening van bijkomstige aard aan personen, die daar vertoeven anders dan voor het gebruiken van consumpties;

      2. middelen van vervoer tijdens hun gebruik als zodanig, alsmede elke voor het publiek toegankelijke lokaliteit, waarin of van waaruit uitsluitend spijzen, al dan niet naast consumptie-ijs en voor de aflevering daarvan benodigde hulpmiddelen, of deze waren tezamen, plegen te worden verkocht en waarvoor geen vergunning ingevolge de Alcoholwet of een verlof ingevolge de Drank- en Horecaverordening geldt.

  2. Onder horecabedrijf als bedoeld in het eerste lid wordt mede verstaan: een bij dit bedrijf behorend terras en de andere aanhorigheden.

  3. Een terras in de zin van deze paragraaf is een buiten de besloten ruimte van de inrichting liggend deel van het horecabedrijf waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen worden bereid of verstrekt.

  4. Onder houder wordt verstaan: hij, die houder is van een vergunning, als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet of van een ontheffing krachtens artikel 35 van die wet.

  5. Onder ondernemer wordt verstaan: de ondernemer die een inrichting heeft.

  6. Onder bedrijfsleider wordt verstaan: de bedrijfsleider die de algemene leiding aan de inrichting geeft.

  7. Onder beheerder wordt verstaan: de beheerder die de onmiddellijke leiding geeft aan de uitoefening van de inrichting.

    Deze paragraaf verstaat niet onder bezoekers:

    1. de gezinsleden van de houder, alsmede zijn elders wonende bloed en aanverwanten, in de rechte lijn onbeperkt, in de zijlijn tot en met de derde graad;

    2. de personen als bedoeld in artikel 438 van het Wetboek van Strafrecht, te weten de personen die voorkomen in het voor nachtverblijf bij te houden register, alsmede met personen meereizende echtgenoten, minderjarige kinderen of reisgezelschappen;

    3. de personen wier aanwezigheid in de inrichting wegens dringende redenen noodzakelijk is.

Artikel 2:29

Sluitingstijd horeca inrichtingen

  1. Onverminderd het bepaalde in het tweede en derde lid van dit artikel is het de houder verboden zijn inrichting geopend te hebben, daarin bezoekers toe te laten of te hebben:

    1. van 24.00 uur tot 6.00 uur;

    2. op andere tijden indien en voor zover de burgemeester in bijzondere omstandigheden voor het gehele gebied van de gemeente of voor een gedeelte daarvan een vroeger of later sluitingsuur heeft bepaald of tijdelijk algehele sluiting heeft bevolen en dit bij openbare kennisgeving heeft bekendgemaakt’;

    3. van 23.00 uur tot 17.00 uur indien het een inrichting betreft als bedoeld in artikel 7 van de Drank- en Horecaverordening, waarin softdrugs kunnen worden verkregen.

  2. De in het eerste lid, onder a, genoemde verbodsbepaling geldt niet voor horeca-inrichtingen waarvoor een verlof als bedoeld in artikel 4 van de Drank- en horecaverordening is verleend, met dien verstande dat:

    1. de inrichting is gelegen in het gebied binnen dat is gelegen binnen de grens van de Witte Singel ter hoogte van het Galgewater, Zoeterwoudsesingel, de Zijlsingel, de Herensingel, de Maresingel, het Schuttersveld, de Rijnsburgerweg, de Bargelaan, het Stationsplein, de Morssingel en de Rijnsburgersingel;

    2. de inrichting past binnen het omgevingsplan;

    3. na 24.00 uur geen alcoholhoudende drank in de inrichting mag worden verkocht.

  3. De in het eerste lid, onder a, genoemde verbodsbepaling geldt voorts niet voor horeca-inrichtingen waarvoor een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Alcoholwet is verleend, met dien verstande dat:

    1. de inrichting past binnen het omgevingsplan;

    2. in de inrichting geen bezoekers meer mogen worden toegelaten:

      1. in de nacht van zondag op maandag tot en met de nacht van woensdag op donderdag na 01.00 uur en

      2. in de nacht van donderdag op vrijdag tot en met de nacht van zaterdag op zondag na 02.00 uur.

  4. De burgemeester kan op aanvraag een afwijkende sluitingstijd bepalen voor horeca-inrichtingen waarbij redelijkerwijs geen overlast en verstoring van het woon- en leefklimaat valt te verwachten.

Artikel 2:30

Afwijking sluitingstijd; tijdelijke sluiting

1. De burgemeester kan in het belang van de openbare orde, veiligheid of gezondheid of in geval van bijzondere omstandigheden voor een of meer openbare inrichtingen dan wel het daarbij behorende terras tijdelijk andere binnenkomsttijden, dan wel andere sluitingstijden vaststellen, tijdelijk sluiting bevelen of andere bevelen geven die hij noodzakelijk acht ter bescherming van de in dit lid genoemde belangen.

2. Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin artikel 13b van de Opiumwet voorziet.

Artikel 2:31

Verboden gedragingen

  1. Het is verboden in een openbare inrichting:

    1. de orde te verstoren;

    2. zich te bevinden na sluitingstijd, tenzij het personeel betreft, of gedurende de tijd dat de inrichting gesloten dient te zijn op grond van een besluit krachtens artikel 2:30, eerste lid;

    3. op het terras spijzen of dranken te verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras;

    4. een CO(koolmonoxide-)norm van 30 parts per million (ppm) te overschrijden;

    5. op het terras drank te verstrekken anders dan vanuit de inrichting, behalve als daarvoor door de burgemeester een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet is verleend;

    6. vanaf het terras de omgeving, waaronder het aangrenzend openbaar water, te vervuilen met papier, afval en andere ongerechtigheden, afkomstig van of veroorzaakt door het gebruik van het terras;

    7. terrasmeubilair op te slaan of neer te zetten buiten de terrasgrenzen dan wel op zodanige wijze dat daardoor hinder voor het verkeer kan ontstaan;

    8. op het terras versterkte- en niet versterkte muziek ten gehore te brengen zonder evenementenvergunning.

  2. De ondernemer is gehouden:

    1. te doen en na te laten hetgeen redelijkerwijs gevergd kan worden om hinder en overlast, veroorzaakt door op het terras aanwezige bezoekers, te voorkomen of te beperken;

    2. aanwijzingen gegeven door politie, brandweer, Omgevingsdienst of het college terstond op te volgen;

    3. op eerste aanzegging door het college medewerking te verlenen aan gemeentelijke projecten, zoals herbestrating, reconstructie van wegen, werkzaamheden aan kabels en leidingen en dergelijke, en aan gemeentelijke taken in verband met de openbare orde en de openbare veiligheid.

Artikel 2:32

Handel binnen openbare inrichtingen

  1. De exploitant van een openbare inrichting staat niet toe dat een handelaar, aangewezen bij algemene maatregel van bestuur op grond van artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht, of een voor hem handelend persoon in die inrichting enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enige andere wijze overdraagt.

  2. Het is de exploitant verboden vanuit een openbare inrichting die gelegen is in een door de burgemeester tijdelijk aangewezen gebied, distikstofoxide (lachgas) te verkopen.

Artikel 2:33

Aanwezigheid in gesloten horecabedrijf

Het is bezoekers verboden zich in een horecabedrijf te bevinden gedurende de tijd dat het bedrijf krachtens artikel 2:29 of ingevolge een op grond van artikel 2:30 genomen besluit gesloten dient te zijn.

De houder van een inrichting is verplicht van de weigering van een bezoeker om zijn inrichting op het bij of krachtens deze verordening bepaalde tijdstip, waarop deze moet worden gesloten, te verlaten, terstond kennis te geven aan de politie.

Artikel 2:34

Het college als bevoegd bestuursorgaan

Als een openbare inrichting geen voor het publiek openstaand gebouw of bijbehorend erf is in de zin van artikel 174 van de Gemeentewet, treedt het college bij de toepassing van de artikelen 2:28 tot en met 2:30 op als bevoegd bestuursorgaan.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening gemeente Leiden 2020