1. Een houder van een inrichting als bedoeld in artikel 2:27 is verplicht zodanige maatregelen te nemen dat de bezoekers van zijn inrichting geen drinkgerei van glas, blik, voor eenmalig gebruik bestemd (wegwerp)plastic of glazen verpakkingen, bestemd voor het bewaren van dranken, buiten de inrichting of het daarbij behorende terras brengen.

  2. Het is verboden op de weg, die deel uitmaakt van een door de burgemeester aangewezen gebied, drinkgerei en/of verpakkingen van glas, blik of voor eenmalig gebruik bestemd (wegwerp)plastic, kennelijk bestemd voor het bewaren van dranken, bij zich te hebben of met zich mee te voeren.

  3. Het college kan nadere regels stellen aangaande het bepaalde in het eerste en het tweede lid, waaronder regels over herbruikbare statiegeldbekers.

  4. Het is een houder van een inrichting als bedoeld in artikel 2:27, een houder van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet, degene die een winkelbedrijf of slijtersbedrijf uitoefent, dan wel exploiteert op basis van een standplaatsvergunning of een marktstandplaatsvergunning als bedoeld in de Verordening voor de fysieke leefomgeving Leiden 2020 en welke inrichting, winkel, slijterij of exploitatie zich bevindt in een door de burgemeester aangewezen gebied, verboden dranken in door de burgemeester aangewezen verpakkingen en/of in drinkgerei van glas, blik of voor eenmalig gebruik bestemd (wegwerp)plastic te verstrekken gedurende een door de burgemeester aangewezen periode.

  5. [vervallen]