1. Het is verboden in een openbare inrichting:

    1. de orde te verstoren;

    2. zich te bevinden na sluitingstijd, tenzij het personeel betreft, of gedurende de tijd dat de inrichting gesloten dient te zijn op grond van een besluit krachtens artikel 2:30, eerste lid;

    3. op het terras spijzen of dranken te verstrekken aan personen die geen gebruik maken van het terras;

    4. een CO(koolmonoxide-)norm van 30 parts per million (ppm) te overschrijden;

    5. op het terras drank te verstrekken anders dan vanuit de inrichting, behalve als daarvoor door de burgemeester een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet is verleend;

    6. vanaf het terras de omgeving, waaronder het aangrenzend openbaar water, te vervuilen met papier, afval en andere ongerechtigheden, afkomstig van of veroorzaakt door het gebruik van het terras;

    7. terrasmeubilair op te slaan of neer te zetten buiten de terrasgrenzen dan wel op zodanige wijze dat daardoor hinder voor het verkeer kan ontstaan;

    8. op het terras versterkte- en niet versterkte muziek ten gehore te brengen zonder evenementenvergunning.

  2. De ondernemer is gehouden:

    1. te doen en na te laten hetgeen redelijkerwijs gevergd kan worden om hinder en overlast, veroorzaakt door op het terras aanwezige bezoekers, te voorkomen of te beperken;

    2. aanwijzingen gegeven door politie, brandweer, Omgevingsdienst of het college terstond op te volgen;

    3. op eerste aanzegging door het college medewerking te verlenen aan gemeentelijke projecten, zoals herbestrating, reconstructie van wegen, werkzaamheden aan kabels en leidingen en dergelijke, en aan gemeentelijke taken in verband met de openbare orde en de openbare veiligheid.