Algemene plaatselijke verordening Heerenveen BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Afdeling Voorkomen of bestrijden van ongeregeldheden
Afdeling Bruikbaarheid, uiterlijk aanzien en veilig gebruik van openbare plaatsen
Afdeling Veiligheid op het ijs
Afdeling Evenementen
Afdeling Betaald voetbalwedstrijden
Afdeling Toezicht op openbare inrichtingen
Afdeling Regulering paracommerciële rechtspersonen en overige aangelegenheden uit de Alcoholwet
Afdeling Toezicht op speelgelegenheden
Afdeling Maatregelen ter voorkoming van overlast, gevaar of schade
Afdeling Bestrijding van heling van goederen
Afdeling Consumentenvuurwerk en carbid
Afdeling Drugsoverlast
Afdeling Bijzondere bevoegdheden van de burgemeester
Hoofdstuk Seksinrichtingen, straatprostitutie e.d.
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
HOOFDSTUK Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Afdeling

Beslissingstermijn; weigeringsgronden

Artikel 3:12

Beslissingstermijn

  1. In afwijking van het bepaalde in artikel 1:2, eerste lid, beslist het bevoegd bestuursorgaan op de aanvraag om vergunning bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, binnen twaalf weken na de dag waarop de aanvraag ontvangen is.

  2. Het bevoegd bestuursorgaan kan zijn besluit voor ten hoogste twaalf weken verdagen.

Artikel 3:13

Weigeringsgronden

  1. De vergunning bedoeld in artikel 3:4, eerste lid, wordt geweigerd indien:

    1. de exploitant of de beheerder niet voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen;

    2. de vestiging of de exploitatie van de seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is met het omgevingsplan of een bekendgemaakte ontwerpwijziging daarvan; of

    3. er aanwijzingen zijn dat in de seksinrichting of het escortbedrijf personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet bepaalde.

  2. Voor seksinrichtingen en in Nederland gevestigde escortbedrijven kan, onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 de vergunning bedoeld in artikel 3:4, eerste lid worden geweigerd in het belang van:

    1. het voorkomen of beperken van overlast;

    2. het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat;

    3. de veiligheid van personen of goederen;

    4. de verkeersvrijheid of -veiligheid;

    5. de gezondheid of zedelijkheid; of

    6. de arbeidsomstandigheden van de prostituee.

  3. In afwijking van artikel 1:8 lid 2 kan het bestuursorgaan besluiten de vergunning te weigeren als de aanvraag minder dan 12 weken voor het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft, is ingediend.

Artikel 3:13a

Bijzondere intrekkingsgronden

  1. De burgemeester kan een vergunning voor een seksinrichting intrekken als:

    1. in het bedrijf prostituees werkzaam zijn in strijd met het bepaalde bij of krachtens de Vreemdelingenwet 2000;

    2. in het bedrijf prostituees werkzaam zijn die de leeftijd van 21 jaar nog niet hebben bereikt;

    3. aannemelijk is dat in het bedrijf prostituees werkzaam zijn die het slachtoffer zijn van mensenhandel, dan wel onvoldoende zelfredzaam zijn;

    4. de exploitant of beheerder niet langer voldoet aan de bij of krachtens artikel 3:5 gestelde eisen.

    5. het bedrijfsplan onvoldoende garanties geeft voor de bescherming van de prostituees of niet voldoet aan bij of krachtens artikel 3:4a gestelde regels;

    6. de exploitant of de beheerder het bepaalde bij of krachtens dit hoofdstuk niet of onvoldoende naleeft;

    7. in de seksinrichting strafbare feiten plaatsvinden die een bedreiging vormen voor de orde of veiligheid in of om de seksinrichting;

    8. de openbare orde of het woon- en leefklimaat nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van de seksinrichting;

    9. in strijd wordt gehandeld met door het college gestelde nadere regels als bedoeld in artikel 3:3;

    10. de exploitant of de beheerder het toezicht op de naleving van het in dit hoofdstuk bepaalde belemmert of bemoeilijkt;

    11. in de seksinrichting een escortbedrijf is gevestigd waarvan de vergunning is ingetrokken dan wel dat met toepassing van artikel 3:7 van deze verordening dan wel artikel 13b van de Opiumwet is gesloten.

← terug naar Algemene plaatselijke verordening Heerenveen