1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag houtopstanden te vellen of te doen vellen die staan vermeld op de Bomenlijst of waarvoor een herplant/instandhoudingsplicht geldt.

  2. De vergunning kan worden geweigerd op grond van een:

    • bijzondere schoonheidswaarde;

    • bijzondere zeldzaamheidswaarde;

    • bijzondere cultuurhistorische waarde;

    • beeldbepalend karakter voor de omgeving;

    • landschappelijke, structuurbepalende en/of cultuurhistorische waarde;

    • belangrijke natuur- en ecologische waarde.

  3. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.

  4. Het college is bevoegd om de Bomenlijst en de criteria daarvoor vast te stellen.

  5. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektenwet of krachtens een aanschrijving van het college.

  6. Het college kan nadere regels stellen.

  7. Het college kan toestemming geven tot het direct vellen van een boom indien er naar boomdeskundige maatstaven sprake is van een situatie van acuut spoedeisend belang.