-
Het is verboden zonder vergunning van het bevoegde bestuursorgaan de weg of een weggedeelte anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan.
-
De vergunning wordt geweigerd voor zover het gaat om de plaatsing van driehoeksborden, sandwichborden, spandoeken of andere borden met een soortgelijke functie.
-
Het verbod is niet van toepassing op:
evenementen als bedoeld in artikel 2:24;
standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17;
voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard.
-
Het verbod is voorts niet van toepassing op de volgende voorwerpen, mits wordt voldaan aan de krachtens het vijfde lid gestelde nadere regels:
terrassen als bedoeld in artikel 2:27, tweede lid;
uitstallingen;
bouwobjecten, mits daarvan uiterlijk vijf werkdagen van tevoren een melding aan het college is gedaan;
plantenbakken en banken;
driehoeksborden, sandwichborden, of andere borden met een soortgelijke functie, ten behoeve van de exploitatie van een winkel of een ander gebouw waar goederen of diensten aan consumenten worden aangeboden;
nader door het college aan te wijzen voorwerpen.
-
Het college stelt nadere regels voor de categorieën, bedoeld in het vierde lid.
-
Het verbod is voorts niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening.
-
De weigeringsgrond, bedoeld in het tweede lid, onder c, is niet van toepassing als in de voorkoming van overlast wordt voorzien door de Wet milieubeheer.
-
In dit artikel wordt onder het bevoegd bestuursorgaan verstaan het college, of voor zover het betreft voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in artikel 174 Gemeentewet, de burgemeester.
-
Op de aanvraag om een vergunning, niet zijnde een omgevingsvergunning, is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Algemene plaatselijke verordening Goeree-Overflakkee 2020 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
AFDELING 2 BRUIKBAARHEID, UITERLIJK AANZIEN EN VEILIG GEBRUIK VAN OPENBARE PLAATSEN
- Artikel 2:10
- Artikel 2:11
- Artikel 2:12
- Artikel 2:13
- Artikel 2:14
- Artikel 2:16
- Artikel 2:17
- Artikel 2:18
- Artikel 2:19
- Artikel 2:20
- Artikel 2:21
- Artikel 2:22
- Artikel 2:23
- Artikel 2:23a
- Artikel 2:23b
- Artikel 2:23c
- Artikel 2:23d
- Artikel 2:23e
- Artikel 2:23f
- Artikel 2:23g
- Artikel 2:23h
- Artikel 2:23i
- Artikel 2:23j
- Artikel 2:23k
- Artikel 2:23l
AFDELING 8 MAATREGELEN TER VOORKOMING VAN OVERLAST, GEVAAR OF SCHADE
- Artikel 2:41
- Artikel 2:42
- Artikel 2:43
- Artikel 2:44
- Artikel 2:45
- Artikel 2:46
- Artikel 2:47
- Artikel 2:48
- Artikel 2:48a
- Artikel 2:49
- Artikel 2:50
- Artikel 2:50a
- Artikel 2:50b
- Artikel 2:51
- Artikel 2:52
- Artikel 2:53
- Artikel 2:54
- Artikel 2:55
- Artikel 2:56
- Artikel 2:57
- Artikel 2:58
- Artikel 2:59
- Artikel 2:59a
- Artikel 2:60
- Artikel 2:61
- Artikel 2:62
- Artikel 2:63
- Artikel 2:64
- Artikel 2:65
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
AFDELING 3. UITOEFENEN SEKSBEDRIJF
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
AFDELING 2 BRUIKBAARHEID, UITERLIJK AANZIEN EN VEILIG GEBRUIK VAN OPENBARE PLAATSEN
Artikel 2:11
(Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen van een weg
-
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van het bevoegde bestuursorgaan een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg.
-
Het verbod is niet van toepassing voor zover in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam werkzaamheden worden verricht.
-
Het verbod is voorts niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, de provinciale omgevingsverordening of de waterschapsverordening of op situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, de Wegenwet, het Wetboek van Strafrecht, het bepaalde bij of krachtens de Telecommunicatiewet of de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren Goeree-Overflakkee.
Artikel 2:12
Maken of veranderen van een uitweg
-
Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg.
-
In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 wordt de vergunning slechts geweigerd:
ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg;
als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats;
als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast;
als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen;
als er sprake is van strijd met het omgevingsplan;
indien de uitweg wordt ontsloten via de voortuin; of
indien de uitweg de toegestane breedte van 5 meter overschrijdt.
-
Het bevoegd gezag kan in afwijking van het tweede lid onder g een grotere breedte van de uitweg toestaan bij een perceel waarop bedrijfsmatige activiteiten plaatsvinden.
-
Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, provinciale omgevingsverordening of waterschapsverordening.
Artikel 2:13
Veroorzaken van gladheid
Het is een ieder verboden zich zodanig te gedragen dat gevaar op de weg wordt veroorzaakt of kan worden veroorzaakt of dat het verkeer op de weg wordt gehinderd of kan worden gehinderd door gladheid.
Artikel 2:14
Winkelwagentjes
-
Een winkelier die winkelwagentjes ter beschikking stelt, is verplicht deze:
te voorzien van de naam van het bedrijf of een ander herkenningsteken; en
terstond te verwijderen of te doen verwijderen uit de omgeving van dat bedrijf.
-
Het is verboden een winkelwagentje na gebruik onbeheerd op een openbare plaats achter te laten.
-
Het eerste lid, aanhef en onder b, is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien bij of krachtens de Omgevingswet.
Artikel 2:16
Openen straatkolken en dergelijke
Het is aan degene die daartoe niet bevoegd is verboden een straatkolk, rioolput, brandkraan of een andere afsluiting die behoort tot een openbare nutsvoorziening, te openen, onzichtbaar te maken of af te dekken.
Artikel 2:17
[vervallen]
Artikel 2:18
Rookverbod in bossen en natuurterreinen
-
Het is verboden in bossen, op heide of veengronden dan wel in duingebieden of binnen een afstand van dertig meter daarvan:
te roken gedurende een door het college aangewezen periode;
voor zover het de open lucht betreft, brandende of smeulende voorwerpen te laten vallen, weg te werpen of te laten liggen.
-
Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 3˚, van het Wetboek van Strafrecht.
-
Het verbod in het eerste lid, aanhef en onder a, is voorts niet van toepassing voor zover het roken plaatsvindt in gebouwen en aangrenzende erven.
Artikel 2:19
[vervallen]
Artikel 2:20
[vervallen]
Artikel 2:21
Voorzieningen voor verkeer en verlichting
-
De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te laten dat op of aan dat bouwwerk voorwerpen, borden of voorzieningen ten behoeve van het verkeer of de openbare verlichting worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.
-
Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door hoofdstuk 10 van de Omgevingswet.
Artikel 2:22
Objecten onder hoogspanningslijn
-
Het is verboden binnen een afstand van zes meter aan weerszijden van voor stroomgeleiding bestemde draden van bovengrondse hoogspanningslijnen voorwerpen, opgaand houtgewas of andere objecten, die niet zijn aan te merken als bouwwerken, hoger dan twee meter te plaatsen of te hebben.
-
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als de elektrische spanning van de bovengrondse hoogspanningslijn dat toelaat.
-
Het verbod is niet van toepassing op objecten die deel uitmaken van de hoogspanningslijn.
Artikel 2:23
Veiligheid op het ijs
-
Het is verboden:
voor het publiek toegankelijke ijsvlakten te beschadigen, te verontreinigen, te versperren of het verkeer daarop op enige andere wijze te belemmeren of in gevaar te brengen;
bakens of andere voorwerpen ten behoeve van de veiligheid geplaatst op de onder a bedoelde ijsvlakten te verplaatsen, weg te nemen, te beschadigen of op enige andere wijze het gebruik daarvan te verijdelen of te belemmeren.
-
Het verbod is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht of de provinciale omgevingsverordening.
Artikel 2:23a
Verbod gebruik openbare plaats als slaapplaats
-
Het is verboden een openbare plaats als slaapplaats te gebruiken of op een openbare plaats een voertuig, vaartuig, woonwagen, tent of een andere vorm van beschutting als slaapplaats te gebruiken, daarin te overnachten of daartoe gelegenheid te bieden:
tussen zonsondergang en zonsopgang;
in andere gevallen dan onder a voor zover:
sprake is van overlast of hinder voor de omgeving;
er gevaar is of dreigt voor omgeving; of
het woon-of leefklimaat wordt aangetast.
-
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod.
-
Het verbod geldt niet:
voor vaartuigen en woonboten die een ligplaats innemen waar dit op grond van artikel 5:25 of het omgevingsplan is toegestaan;
voor woonwagens met een woonbestemming;
op een kampeerterrein dat als zodanig is het omgevingsplan is bestemd of mede bestemd;
op kampeerplaatsen die op grond van artikel 4:19 zijn aangewezen.
Artikel 2:23b
Aanleggen van vuur en barbecue op het strand
-
Het is verboden op het strand of in de duinen een vuur aan te leggen, te voeden of te onderhouden.
-
De burgemeester kan van het verbod in het eerste lid ontheffing verlenen, voor zover het betreft het aanleggen, voeden of onderhouden van een vuur op door het college aangewezen en als zodanig herkenbare plaatsen.
-
Het is verboden te barbecueën in de duinen.
-
Het is verboden op het strand tussen 00.00 en 19.00 uur te barbecueën.
-
De burgemeester kan van het verbod in het derde en vierde lid ontheffing verlenen.
-
Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:23c
Skivliegen en dergelijke
-
Het is de bestuurder van een motorboot, waaronder begrepen een jetski, dan wel motorvoertuig verboden de boot dan wel motorvoertuig te gebruiken voor het voorttrekken van een of meer personen die zich, direct of indirect verbonden met de boot dan wel het motorvoertuig, voortbewegen door de lucht aan een parachute, een vlieger of een soortgelijk voorwerp.
-
Het is verboden zich door een motorboot dan wel het motorvoertuig door de lucht te laten voortbewegen aan een parachute, een vlieger of een soortgelijk voorwerp.
Artikel 2:23d
Veiligheid zwemmen en baden
-
Het is verboden te zwemmen of te baden op die plaatsen waar dat door het college op of vanaf het strand is kenbaar gemaakt. Dit kenbaar maken geschiedt door middel van plaatsing van borden of op andere, door het college te bepalen, wijze.
-
Bij afgaand water en aflandige wind, zomede ter plaatse waar en wanneer dat op de wijze als bedoeld in het eerste lid is kenbaar gemaakt, is het verboden zich met een luchtbed, luchtband of enig ander voorwerp, waarmee men zich drijvende kan houden, vanaf het strand in zee te gaan of zich daarmee in zee te bevinden.
Artikel 2:23e
Kite-, wind- en golfsurfen
-
Het is verboden de kite-, wind en golfsurfsport te beoefenen:
tussen zonsondergang en zonsopgang;
binnen de uitsluitend voor snelle motorboten bestemde en daartoe bebakende of betonde gebieden;
binnen de betonde of bebakende vaargeul indien er beroepsvaart nadert;
in de havens, de sluizen en in de aanloopgebieden naar de havens en de sluizen;
op het water en op het strand, daar waar daar waar het college dit blijkens een openbaar gemaakt besluit en door middel van borden of op een andere door hen te bepalen wijze, gevaarlijk achten voor de veiligheid van de strandgasten of de zwemmers.
-
Het verbod geldt niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de provinciale omgevingsverordening.
Artikel 2:23f
(Bedrijfsmatige) sportactiviteiten op het strand
-
Het is verboden zonder vergunning van het college in de uitoefening van een beroep of bedrijf sportactiviteiten op het strand te organiseren.
-
Het college kan nadere regels stellen.
Artikel 2:23g
Vaartuigen op zee
Het is verboden zich met een vaartuig te bevinden in die gedeelten van de zee of op die gedeelten van het strand, waar het college dit volgens een openbaar bekend gemaakt besluit, en door middel van borden of op een andere door hen te bepalen wijze, gevaarlijk achten voor de veiligheid van de strandgasten of zwemmers.
Artikel 2:23h
Motorvoertuigen, bespannen en onbespannen wagens en (brom)fietsen
-
Het is verboden het strand te berijden met motorvoertuigen, bespannen en onbespannen wagens en (brom)fietsen of deze daar achter te laten.
-
Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.
-
Het verbod is niet van toepassing op:
motorvoertuigen in gebruik bij politie, waterschap, rijksdiensten, gemeenten, hulpverleningsinstanties en reddingsbrigades;
het zich in een karretje of wagen door een meerlijnsvlieger of een zeil laten voorttrekken op een door het college bij een openbaar bekend gemaakt besluit aangewezen strandgedeelte;
kinderwagens, wandelwagentjes, invalidenwagens en andere soortgelijke voertuigen, welke met de hand worden voortgetrokken of voortgeduwd;
het recreatief gebruik van mountainbikes, allterrainbikes en andere soortgelijke sportfietsen.
Artikel 2:23i
Overnachten op het strand
Het is verboden tussen zonsondergang en zonsopgang op het strand, in de duinen of de onmiddellijk daaraan grenzende wegen of andere voor publiek toegankelijke plaatsen te overnachten.
Artikel 2:23j
Overlast op het strand
Het is verboden gedurende het badseizoen:
op het strand, in de duinen of in zee enig spel te beoefenen, te vissen, dan wel een of meerdere lijnen te spannen of afsluitingen of andere werken te maken of te hebben, indien daardoor overlast of gevaar voor personen dan wel beschadiging van goederen wordt veroorzaakt of is te duchten;
op de voor het publiek toegankelijke wegen, voetpaden of trappen naar het strand te blijven staan, te zitten of te liggen, dan wel daarop of daarvoor voorwerpen te plaatsen of mede te voeren, waardoor de vrije doortocht over die wegen, voetpaden of trappen wordt of kan worden belemmerd;
het onder letter a gestelde verbod voor wat betreft het vliegeren met meerlijns bestuurbare vliegers geldt zowel gedurende als buiten het badseizoen niet voor het door het college bij openbaar bekend te maken besluit aan te wijzen strandgedeelte.
Artikel 2:23k
Paarden, pony’s, honden op het strand
-
Het is verboden een paard of pony tussen 10.00 en 19.00 uur gedurende het badseizoen op het strand te laten lopen of op het strand te berijden.
-
Het is verboden een hond gedurende het badseizoen tussen 10.00 en 19.00 uur op het strand te laten verblijven, anders dan vastgebonden aan ketting, riem of koord of enig ander middel tot vasthouden niet langer dan drie meter.
-
Het is verboden een hond gedurende het badseizoen tussen 10.00 en 19.00 uur op het strand aanwezig te hebben, daar waar het college dit blijkens een openbaar bekend te maken besluit en door middel van borden of op een andere door hen te bepalen wijze, hinderlijk achten voor de strandgasten.
-
Het college kan van het verbod in het eerste en derde lid ontheffing verlenen.
-
Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van toepassing op paarden in gebruik bij de politie.
-
Op ontheffing is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 2:23l
Naaktrecreatie
Naaktrecreatie op het strand is toegestaan op door het college aan te wijzen plaatsen.