1. Het is verboden te zwemmen of te baden op die plaatsen waar dat door het college op of vanaf het strand is kenbaar gemaakt. Dit kenbaar maken geschiedt door middel van plaatsing van borden of op andere, door het college te bepalen, wijze.

  2. Bij afgaand water en aflandige wind, zomede ter plaatse waar en wanneer dat op de wijze als bedoeld in het eerste lid is kenbaar gemaakt, is het verboden zich met een luchtbed, luchtband of enig ander voorwerp, waarmee men zich drijvende kan houden, vanaf het strand in zee te gaan of zich daarmee in zee te bevinden.