In deze verordening wordt verstaan onder:
badseizoen: de periode van 1 mei tot 1 oktober;
bebouwde kom: het gebied binnen de grenzen die zijn vastgesteld op grond van artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994;
beperkingengebiedactiviteit: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;
bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een omgevingsvergunning als bedoeld in de Omgevingswet;
bouwwerk: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;
bromfiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder e, van de Wegenverkeerswet 1994;
college: het college van burgemeester en wethouders;
duinen: het gehele terrein tussen de Noordzee, Grevelingen, Haringvliet, Hollands Diep, Krammer, Volkerak enerzijds en het achterliggende polderland anderzijds in zijn geheel vormende de natuurlijke kering tegen het water langs de kust van Goeree-Overflakkee, bestaande uit aaneengesloten zandruggen en tussengelegen duinvalleien met de zich daarin bevindende kunstwerken en met de daarin gelegen en daartoe behorende wegen, dijken, voet- en fietspaden, afritten en toegangstrappen;
gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving;
handelsreclame: iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten, waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te dienen;
motorvoertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze toegankelijk zijn;
openbare plaats: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties;
overige wateren: de Grevelingen, het Haringvliet, Hollands Diep, Krammer en Volkerak voor zover deel uitmakend van het grondgebied van de gemeente Goeree-Overflakkee;
parkeren: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht;
sportactiviteiten: balsporten, of daaraan gerelateerde sporten, zeskamp, vliegersport en overige sporten waaronder ook golf-, kitesurfen, buggykiten of vliegeren met een meerlijnsvlieger;
strand: het Noordzee-, Grevelingen- en Haringvlietstrand, met de daaraan grenzende hellingen of duinen, voor zover met het strand een geheel uitmakende en liggende buiten duidelijk afgescheiden particuliere terreinen;
vaartuig: alle vaartuigen, daaronder mede verstaan drijvende werktuigen, glijboten, ponten en waterscooters;
verkeer: verkeer als bedoel in artikel 1 onder van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;
voertuig: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, met uitzondering van kleine wagens zoals kruiwagens, kinderwagens en rolstoelen;
weg: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994;
woonschip: schip uitsluitend of hoofdzakelijk als woning gebruikt of tot woning bestemd;
zee: de Noordzee.