1. Het is verboden een openbare inrichting voor bezoekers geopend te houden indien in deze inrichting niet aanwezig is:

    1. de exploitant die is vermeld in de vergunning; of

    2. een leidinggevende die is vermeld in het aanhangsel bij de vergunning.

  2. In afwijking van het eerste lid is het een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 van de Alcoholwet verboden de openbare inrichting voor bezoekers geopend te houden indien in deze inrichting niet aanwezig is:

    1. de exploitant die is vermeld in de vergunning;

    2. een leidinggevende die is vermeld in het aanhangsel bij de vergunning; of

    3. een barvrijwilliger als bedoeld in artikel 24, tweede lid, onder c, van de Alcoholwet.