Algemene Plaatselijke Verordening Beverwijk 2024 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).

Inhoud
HOOFDSTUK
HOOFDSTUK OPENBARE ORDE
AFDELING BESTRIJDING VAN ONGEREGELDHEDEN
AFDELING BETOGING
AFDELING VERSPREIDEN VAN GEDRUKTE STUKKEN
AFDELING VERTONINGEN E.D. OP DE WEG
AFDELING BRUIKBAARHEID EN AANZIEN VAN DE WEG
AFDELING VEILIGHEID OP DE WEG
AFDELING EVENEMENTEN
AFDELING HORECA
AFDELING TOEZICHT OP INRICHTINGEN TOT HET VERSCHAFFEN VAN NACHTVERBLIJF
AFDELING TOEZICHT OP SPEELGELEGENHEDEN
AFDELING MAATREGELEN TEGEN OVERLAST EN BALDADIGHEID
AFDELING TEGENGAAN ONVEILIG, NIET LEEFBAAR EN MALAFIDE ONDERNEMERSKLIMAAT
AFDELING BEPALINGEN TER BESTRIJDING VAN HELING VAN GOEDEREN
AFDELING VUURWERK
AFDELING DRUGSOVERLAST
AFDELING BESTUURLIJKE OPHOUDING, VEILIGHEIDSRISICOGEBIEDEN, CAMERATOEZICHT OP OPENBARE PLAATSEN EN GEBIEDSONTZEGGING
HOOFDSTUK SEKSINRICHTINGEN, SEKSWINKELS, STRAATPROSTITUTIE E.D.
HOOFDSTUK BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING VAN DE GEMEENTE
HOOFDSTUK BIJZONDERE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET STRAND
HOOFDSTUK WINKELTIJDEN
HOOFDSTUK STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

HOOFDSTUK

BIJZONDERE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT HET STRAND

Artikel 6:1

Definities

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

  1. activiteitenstrand: het gedeelte van het strand dat als zodanig aanwezen is;

  2. zee: het gedeelte van de Noordzee, dat gelegen is binnen de grenzen van de gemeente Beverwijk;

  3. zeilvoertuig: een voertuig op één of meer wielen en met één of meer zeilen, dat door de wind wordt voortbewogen;

  4. wind- en watersport: hieronder wordt in elk geval, doch niet uitsluitend, begrepen kanoën, deltavliegen, kitesurfen, paragliden, schermvliegen, vliegeren met een vlieger die met twee of meer stuurlijnen wordt bestuurd (recreatief zwemmen wordt hieronder niet verstaan);

  5. hoogwaterlijn: de lijn waar het water van de zee bij vloed komt;

  6. laagwaterlijn: de lijn waar het water bij eb komt;

  7. zomerperiode: de periode van1 mei tot 1 oktober;

  8. winterperiode: de periode van 1 oktober tot 1 mei;

  9. motorvoertuigen: voertuigen als bedoeld in artikel 1, eerste lid en onder c, van de Wegenverkeerswet met uitzondering van gehandicaptenvoertuig.

Artikel 6:2

Gemotoriseerde voertuigen op het strand

  1. Het is verboden met motorvoertuigen op het strand te rijden, deze op het strand te brengen of te hebben.

  2. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op bestuurders van motorvoertuigen ten behoeve van het reddingswezen, beheer en onderhoud van de zeewering/waterkering, politie, brandweer, ambulancediensten, burgemeester/strandvonder, buitengewoon opsporingsambtenaren en personen in dienst van de gemeente, allen in de uitoefening van hun taak.

  3. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gesteld verbod.

  4. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 6:3

Niet-gemotoriseerde voertuigen

  1. Het is verboden om in de zomerperiode met een niet-gemotoriseerd voertuig, waaronder in elk geval begrepen een zeilvoertuig, op het strand te rijden.

  2. Het in het eerste lid gesteld verbod geldt niet voor een bestuurder van een fiets, mountainbike en dergelijke voertuigen tussen 00.00 uur en 09.00 uur alsmede tussen 19.00 uur en 00.00 uur.

  3. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op bestuurders van een niet gemotoriseerd voertuig ten behoeve van het reddingswezen, beheer en onderhoud van de zeewering/waterkering, politie, brandweer, ambulancediensten, burgemeester/strandvonder, buitengewoon opsporingsambtenaren en personen in dienst van de gemeente, allen in de uitoefening van hun taak.

  4. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gesteld verbod.

  5. Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Artikel 6:4

Motorvaartuigen

  1. Het is verboden een gemotoriseerd vaartuig, waaronder in elk geval een jetski of waterscooter wordt begrepen, op het strand te hebben, daarmee in zee te begeven, te bevinden binnen een afstand van 300 meter uit de laagwaterlijn of aan te landen op het strand.

  2. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op motorvaartuigen ten behoeve van het reddingswezen, beheer en onderhoud van de zeewering/waterkering, politie, brandweer, burgemeester/strandvonder, buitengewoon opsporingsambtenaren en personen in dienst van de gemeente, allen in de uitoefening van hun taak.

Artikel 6:5

Niet-gemotoriseerde vaartuigen

Het is gedurende de zomerperiode verboden een niet-gemotoriseerd vaartuig op het strand te hebben en zich daarmee in zee te begeven of zich daarmee binnen 300 meter uit de laagwaterlijn te bevinden.

Artikel 6:6

Wind- en watersport

Het is verboden wind- en watersport op het strand of in zee uit te oefenen buiten het activiteitenstrand.

Artikel 6:7

Activiteitenstrand

  1. Het college kan een of meer gedeelten van het strand als activiteitenstrand aanwijzen.

  2. Het college is bevoegd om de verboden als bedoeld in de artikelen 6:3, 6:4, 6:5 geheel of gedeeltelijk niet van toepassing te verklaren op het activiteitenstrand.

  3. Het college is bevoegd met het oog op de bescherming van de gezondheid van deelnemers aan sportactiviteiten en overige bezoekers van het activiteitenstrand, de openbare orde en veiligheid en het doelmatig gebruik van het strand nadere regels of beperkingen te stellen met betrekking tot de op het activiteitenstrand toegelaten activiteiten.

  4. Het is verboden zich te gedragen in strijd met of in afwijking van de regels welke krachtens het derde lid zijn gesteld.

Artikel 6:8

Sport en spel in groepsverband

Het is verboden op het strand sport en spel uit te oefenen of zich te gedragen, op zodanige wijze dat daardoor gevaar of overlast voor personen, dan wel beschadiging van goederen kan ontstaan.

Artikel 6:9

Aanwijzingen Reddingswezen

  1. Recreanten, baders en zwemmers zijn verplicht aan de aanwijzingen gegeven door een lid van het door het college als zodanig erkende organisatie uit het reddingswezen, onmiddellijk gevolg te geven.

  2. Wanneer er twee rode vlaggen boven elkaar (rood over rood) gehesen zijn aan de daartoe bestemde vlaggenmast, is het verboden in zee te zwemmen.

  3. Wanneer er één rode vlag gehesen is aan de daartoe bestemde vlaggenmast, geldt een negatief zwemadvies.

  4. Wanneer de oranje windzak is gehesen aan de daartoe bestemde vlaggenmast is er een negatief advies om zich met een luchtbed of -kussen, een opblaasbare band of een ander voorwerp, dat als drijfmiddel kan worden gebruikt, in zee te begeven of te bevinden.

Artikel 6:10

Honden op het strand

  1. Het is verboden om in de zomerperiode één of meer honden op het strand te hebben of te laten lopen;

  2. Het in het eerste lid gesteld verbod geldt niet tussen 00.00 uur en 09.00 uur alsmede tussen 19.00 uur en 00.00 uur.

  3. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor:

    1. ambtenaren van de politie in de uitoefening van hun taak;

    2. gebruikers van strandhuisjes mits zij hun hond aangelijnd en in de directe nabijheid van het strandhuisje laten verblijven;

    3. zover de eigenaar of houder van de hond zich vanwege zijn handicap door een aantoonbaar gekwalificeerde geleidhond laat begeleiden of als een eigenaar of houder van een hond deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond.

Artikel 6:11

Paarden op het strand

  1. Het is verboden om in de zomerperiode op het strand een paard of een ander rij- of trekdier te berijden of mee te voeren.

  2. Het in het eerste lid gesteld verbod geldt niet tussen 00.00 uur en 09.00 uur alsmede tussen 19.00 uur en 00.00 uur.

  3. Het verbod in het eerste lid geldt niet voor ambtenaren van politie in de uitoefening van hun taak.

Artikel 6:12

Verhuren van voorwerpen/dieren op het strand

Het is verboden zonder vergunning van het college op het strand een voer - of vaartuig – hetzij geheel, hetzij per plaats - een strandstoel, ligstoel, tafel, bank, tent, cabine, of een ander dergelijk voorwerp dan wel een rij- of trekdier aan het publiek te huur of voor gebruik aan te bieden.

← terug naar Algemene Plaatselijke Verordening Beverwijk 2024