1. De exploitant van een seksbedrijf draagt er zorg voor dat:

    1. de voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers redelijkerwijs hun eigen werktijden kunnen bepalen;

    2. er een deugdelijke bedrijfsadministratie wordt gevoerd waarin de actuele gegevens zijn opgenomen van in ieder geval;

      1. de voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers;

      2. Overeenkomsten of afspraken over werktijden en betalingen;

      3. met betrekking tot alle voor of bij het seksbedrijf werkzame sekswerkers, de documentatie die ten grondslag ligt aan de vorming van het oordeel over de mate van zelfredzaamheid, bedoeld in artikel 3.7, tweede lid, onder k;

      4. de aan- of afwezigheidsregistratie.

  2. de bedrijfsadministratie met inachtneming van de wettelijke termijnen wordt bewaard en te allen tijde beschikbaar is voor toezichthouders;

  3. medewerkers van de GGD en van andere door de burgemeester of het college aangewezen instellingen worden toegelaten tot seksbedrijven en seksinrichtingen als ze voornemens zijn voorlichtings- en preventieactiviteiten uit te voeren of voorlichtingsmateriaal te verspreiden;

  4. onverwijld bij de politie wordt gemeld ieder signaal van mensenhandel of andere vormen van dwang en uitbuiting;

  5. onverwijld aan het bevoegde bestuursorgaan wordt gemeld als gedurende ten minste één maand geen gebruik gemaakt zal worden van de vergunning. Deze melding vermeldt de reden en de verwachte duur;

  6. gedaan wordt wat nodig is voor een goede gang van zaken binnen het seksbedrijf.