1. Het is bezoekers van een openbare inrichting verboden gedurende de tijd dat dit bedrijf krachtens artikel 2.28 of ingevolge een op grond van artikel 2.29 genomen besluit gesloten dient te zijn, zich daarin of aldaar te bevinden.

  2. De houder van een openbare inrichting is verplicht onmiddellijk aan de politie kennis te geven van alle buitengewone voorvallen of ongeregeldheden, die in de inrichting plaats hebben.