-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt geregeld in welke gevallen, onder welke voorwaarden en volgens welke procedures een spoorwegonderneming recht heeft op:
toegang tot bij of krachtens algemene maatregel van bestuur omschreven spoorweginfrastructuur;
toegang tot bij of krachtens algemene maatregel van bestuur omschreven dienstvoorzieningen of een deel van dienstvoorzieningen;
verlening van bij of krachtens algemene maatregel van bestuur omschreven diensten in dienstvoorzieningen of diensten.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur wordt geregeld in welke gevallen, onder welke voorwaarden en volgens welke procedures een exploitant van een dienstvoorziening verplicht is tot het verlenen van toegang als bedoeld in het eerste lid, onderdelen a en b, en tot het verlenen van diensten als bedoeld in het eerste lid, onderdeel c.
-
Bij de regels, bedoeld in het eerste en tweede lid, kan onderscheid worden gemaakt naar soort exploitant van een dienstvoorziening, soort spoorweginfrastructuur, soort dienstvoorziening en soort dienst. Die regels kunnen in ieder geval inhouden dat een exploitant van een dienstvoorziening als bedoeld in artikel 13, derde lid, van richtlijn 2012/34/EU een gescheiden boekhouding of een afzonderlijke administratie binnen de boekhouding voert en deze ter inzage legt.
-
Wanneer een dienstvoorziening, voor zover dit een dienstvoorziening betreft als bedoeld in bijlage II, punt 2, van richtlijn 2012/34/EU, gedurende ten minste twee opeenvolgende jaren niet is gebruikt en een spoorwegonderneming of andere gegadigde aan de exploitant van die dienstvoorziening zijn belangstelling heeft laten blijken voor toegang tot die dienstvoorziening, op basis van aangetoonde behoeften, biedt de eigenaar of de bevoegde zakelijk gerechtigde de exploitatie van die dienstvoorziening geheel of gedeeltelijk aan voor huur of lease als dienstvoorziening, tenzij de exploitant van die dienstvoorziening aantoont dat de dienstvoorziening vanwege een lopend reconversieproces niet door een spoorwegonderneming kan worden gebruikt.
-
Voor zover dit noodzakelijk is voor de aanbieding voor huur of lease, bedoeld in het vierde lid, verleent de exploitant of verlenen de exploitanten van die dienstvoorziening medewerking aan die huur of lease.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van het vierde en vijfde lid.
-
De voordracht voor een krachtens het eerste of tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Spoorwegwet Actueel
Inhoud
Hoofdstuk 5
Artikel 68
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de voorwaarden en methoden voor berekening van vergoedingen die exploitanten van dienstvoorzieningen aan spoorwegondernemingen in rekening brengen voor het verlenen van toegang tot spoorweginfrastructuur en dienstvoorzieningen als bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdelen a en b, alsmede voor het verlenen van diensten in dienstvoorzieningen of diensten als bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdeel c.
-
Bij de regels, bedoeld in het eerste lid, kan onderscheid worden gemaakt naar soort exploitant van een dienstvoorziening, soort spoorweginfrastructuur, soort dienstvoorziening en soort dienst. Die regels kunnen in ieder geval inhouden dat een exploitant van een dienstvoorziening een gescheiden boekhouding of een afzonderlijke administratie binnen de boekhouding voert en deze ter inzage legt.
-
Exploitanten van dienstvoorzieningen tonen desgevraagd aan spoorwegondernemingen aan dat vergoedingen als bedoeld in het eerste lid, die aan die spoorwegondernemingen in rekening zijn gebracht, voldoen aan de bij algemene maatregel van bestuur vastgestelde voorwaarden en methoden van berekening van vergoedingen als bedoeld in het eerste lid en aan de netverklaring.
-
Exploitanten van dienstvoorzieningen wenden de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, aan om hun onderneming van middelen te voorzien.
-
De voordracht voor een krachtens het eerste lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Artikel 68a
-
Exploitanten van dienstvoorzieningen verstrekken aan de beheerder informatie over de voorwaarden voor toegang en voor verlening van diensten, bedoeld in artikel 67, en informatie over de vergoedingen, bedoeld in artikel 68, of verwijzen de beheerder naar een website waarop deze informatie kosteloos in elektronische vorm wordt aangeboden.
-
Onverminderd het eerste lid, verstrekken exploitanten van dienstvoorzieningen als bedoeld in bijlage II, punt 2, onderdelen a, f en i, van richtlijn 2012/34/EU, onverwijld informatie over de voorwaarden voor toegang als bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdeel b, of voor verlening van diensten als bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdeel c, alsmede informatie over vergoedingen als bedoeld in artikel 68, eerste lid, aan spoorwegondernemingen die daarom verzoeken.
-
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld ter uitvoering van het eerste lid.
Artikel 68b
-
Deze paragraaf is uitsluitend van toepassing in geval van een aanbesteding als bedoeld in hoofdstuk III, paragraaf 4, van de Wet personenvervoer 2000 van een concessie voor openbaar vervoer per trein, indien:
voor de uitvoering van die concessie sprake is van gebruik van dienstvoorzieningen of van diensten als bedoeld in bijlage II, punt 2, onderdelen a, f en i, van richtlijn 2012/34/EU, en
een dergelijke dienstvoorziening of dienst op één locatie uitsluitend bij één exploitant aanwezig is.
-
Onder exploitant van een dienstvoorziening wordt in deze paragraaf verstaan een exploitant die verantwoordelijk is voor het beheer van een of meer dienstvoorzieningen of voor het verrichten van een of meer diensten als bedoeld in het eerste lid.
Artikel 68c
-
Onverminderd het bepaalde bij of krachtens hoofdstuk 5, paragraaf 1, mag een exploitant van een dienstvoorziening in het kader van een aanbesteding als bedoeld in artikel 68b, eerste lid, de voorwaarden voor toegang, bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdeel b, of voor verlening van diensten, bedoeld in artikel 67, eerste lid, onderdeel c, of de vergoedingen, bedoeld in artikel 68, eerste lid, pas toepassen nadat deze voorwaarden of vergoedingen zijn goedgekeurd door de Autoriteit Consument en Markt.
-
De exploitant van een dienstvoorziening doet het verzoek tot goedkeuring ten minste zes weken voorafgaand aan de datum waarop een aanbesteding als bedoeld in artikel 61, eerste lid, van de Wet personenvervoer 2000, is gestart.
-
De Autoriteit Consument en Markt beoordeelt binnen zes weken na ontvangst van het verzoek of de voorwaarden of vergoedingen, bedoeld in het eerste lid, in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 67, eerste of tweede lid, of 68. Indien gegevens die de Autoriteit Consument en Markt noodzakelijk acht voor een beoordeling ontbreken, wordt de exploitant van de dienstvoorziening hiervan binnen een week na ontvangst van het verzoek op de hoogte gesteld. Deze exploitant wordt in de gelegenheid gesteld deze gegevens binnen een redelijke termijn alsnog aan te leveren in een door de Autoriteit Consument en Markt aan te geven vorm.
-
De Autoriteit Consument en Markt kan de termijn, bedoeld in het derde lid, eerste volzin, eenmaal met zes weken verlengen. Zij doet hiervan schriftelijk mededeling aan de exploitant van de dienstvoorziening die het verzoek heeft ingediend.
-
Indien de Autoriteit Consument en Markt van oordeel is dat de voorwaarden of vergoedingen in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 67, eerste of tweede lid, of 68, keurt zij de toepassing hiervan goed.
-
Indien de Autoriteit Consument en Markt van oordeel is dat de voorwaarden of vergoedingen niet in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 67, eerste of tweede lid, of 68, doet zij hiervan mededeling aan de desbetreffende exploitant. Zij deelt hierbij mede op welke punten niet voldaan is aan het bepaalde bij of krachtens de artikelen 67, eerste of tweede lid, of 68.
-
De exploitant van de dienstvoorziening deelt de Autoriteit Consument en Markt binnen vier weken na de datum van de mededeling, bedoeld in het zesde lid, schriftelijk mede in hoeverre de voorwaarden of vergoedingen worden aangepast aan die mededeling. De Autoriteit Consument en Markt beoordeelt binnen drie weken na ontvangst van de mededeling van de exploitant van de dienstvoorziening, bedoeld in de eerste volzin, op het verzoek tot goedkeuring, of de voorwaarden of vergoedingen in overeenstemming zijn met het bepaalde bij of krachtens de artikelen 67, eerste of tweede lid, of 68.
-
Artikel 68a is van toepassing op de voorwaarden of vergoedingen die op grond van dit artikel zijn goedgekeurd.
-
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen in afwijking van het eerste lid soorten dienstvoorzieningen of soorten diensten als bedoeld in bijlage II, punt 2, onderdelen a, f en i, van richtlijn 2012/34/EU uitgezonderd worden van de verplichting, bedoeld in het eerste lid.
-
De voordracht voor een algemene maatregel van bestuur als bedoeld in het negende lid wordt niet eerder gedaan dan nadat de Autoriteit Consument en Markt in de gelegenheid is gesteld advies uit te brengen over het ontwerp van dat besluit en niet eerder dan vier weken nadat het ontwerp tezamen met het advies van de Autoriteit Consument en Markt aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.