Spoorwegwet

Inhoud

Artikel 33 Spoorwegwet – Wettekst

HISTORISCH
Deze versie geldt vanaf 01-01-2022.

Officiële wettekst historische versie

  1. Aan het veiligheidscertificaat, verleend door Onze Minister, kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden in het belang van de veiligheid op en in de directe nabijheid van de hoofdspoorweg.

  2. Onze Minister kan een door hem verleend veiligheidscertificaat beperken of intrekken indien:

    1. de certificaathouder handelt in strijd met de voorwaarden waaronder het veiligheidscertificaat is verleend of uitgebreid, alsmede de aan het veiligheidscertificaat verbonden beperkingen en voorschriften, of

    2. de bedrijfsvergunning van de certificaathouder is geschorst of ingetrokken.

  3. Onze Minister kan het door hem verleende veiligheidscertificaat of de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften ambtshalve of op aanvraag wijzigen, met inachtneming van het belang van de veiligheid op en in de directe nabijheid van de hoofdspoorweg.

  4. Onze Minister neemt het besluit, bedoeld in het tweede en derde lid, uiterlijk vier maanden nadat hij heeft vastgesteld dat de omstandigheid, genoemd in het tweede en derde lid, zich heeft voorgedaan, en beslist, indien een aanvraag als bedoeld in het derde lid is gedaan, in afwijking van artikel 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht bij verlenging van de beslistermijn op de aanvraag, in ieder geval uiterlijk vier maanden nadat alle in artikel 4:2, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde informatie is verschaft.

Historische versies

04-06-2026 Historisch 01-01-2024 Historisch 01-07-2023 Historisch 01-01-2022 Historisch 01-07-2021 Historisch 30-06-2021 Historisch
Voor dit artikel is er geen zichtbare wijziging ten opzichte van 30-06-2021.

Tekst van deze versie

  1. Aan het veiligheidscertificaat, verleend door Onze Minister, kunnen beperkingen en voorschriften worden verbonden in het belang van de veiligheid op en in de directe nabijheid van de hoofdspoorweg.

  2. Onze Minister kan een door hem verleend veiligheidscertificaat beperken of intrekken indien:

    1. de certificaathouder handelt in strijd met de voorwaarden waaronder het veiligheidscertificaat is verleend of uitgebreid, alsmede de aan het veiligheidscertificaat verbonden beperkingen en voorschriften, of

    2. de bedrijfsvergunning van de certificaathouder is geschorst of ingetrokken.

  3. Onze Minister kan het door hem verleende veiligheidscertificaat of de daaraan verbonden beperkingen en voorschriften ambtshalve of op aanvraag wijzigen, met inachtneming van het belang van de veiligheid op en in de directe nabijheid van de hoofdspoorweg.

  4. Onze Minister neemt het besluit, bedoeld in het tweede en derde lid, uiterlijk vier maanden nadat hij heeft vastgesteld dat de omstandigheid, genoemd in het tweede en derde lid, zich heeft voorgedaan, en beslist, indien een aanvraag als bedoeld in het derde lid is gedaan, in afwijking van artikel 4:14 van de Algemene wet bestuursrecht bij verlenging van de beslistermijn op de aanvraag, in ieder geval uiterlijk vier maanden nadat alle in artikel 4:2, tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht bedoelde informatie is verschaft.

Nog geen automatische verwijzingen.

Deze actie vereist een account
Log in of maak een account om arceringen, annotaties, tags en dossiers te gebruiken.
← terug naar Spoorwegwet