In deze afdeling wordt verstaan onder standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.
Onder standplaats wordt niet verstaan:
een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet;
een vaste plaats op een evenement als bedoeld in artikel 2:12;
een vaste plaats op snuffelmarkten als bedoeld in artikel 5:22.
Algemene Plaatselijke Verordening Stadskanaal 2024 BETA Foutje gevonden? Laatste controle 16-04-2026, laatste wijziging 12-04-2026 (Bron: lokaleregelgeving.overheid.nl).
Inhoud
Hoofdstuk Algemene bepalingen
Hoofdstuk Openbare orde en veiligheid, volksgezondheid en milieu
Hoofdstuk Regulering prostitutie, seksbranche en aanverwante onderwerpen
Hoofdstuk Bescherming van het milieu en het natuurschoon en zorg voor het uiterlijk aanzien van de gemeente
Hoofdstuk Andere onderwerpen betreffende de huishouding van de gemeente
Hoofdstuk Sanctie-, overgangs- en slotbepalingen
Afdeling 4. Standplaatsen
Artikel 5:17
Standplaatsvergunning en weigeringsgronden
Het is verboden zonder vergunning van het college een standplaats in te nemen of te hebben.
Het college weigert de vergunning indien er strijd is met het omgevingsplan.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:7 kan de vergunning worden geweigerd als:
de standplaats hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan redelijke eisen van welstand;
indien als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente redelijkerwijs te verwachten is dat door het verlenen van de vergunning voor een standplaats een redelijk verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in gevaar komt;
een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang;
aantoonbare toekomstige ruimtelijke en/of planologische ontwikkelingen.
Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.
Artikel 5:18
Toestemming rechthebbende
Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop zonder vergunning van het college standplaats wordt of is ingenomen.
Artikel 5:19
Afbakeningsbepalingen
Artikel 5:17, eerste lid, is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet milieubeheer, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken of het Provinciaal wegenreglement Groningen.
De weigeringsgrond van artikel 5:17, derde lid, onder a, is niet van toepassing op bouwwerken.
Artikel 5:20
Intrekking standplaatsvergunning
Onverminderd het bepaalde in artikel 1:7 kan het college een vergunning als bedoeld in artikel 5:17, eerste lid, intrekken indien de vergunninghouder:
door of namens het college gegeven aanwijzingen niet opvolgt;
zich schuldig maakt aan wangedrag.