1. Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer of het Besluit een knalapparaat in werking te hebben, te gebruiken of te doen gebruiken.

  2. Het verbod is niet van toepassing op knalapparaten voor het verjagen van vogels of ander schadelijk wild van ingezaaide of ingeplante akkers en knalapparaten voor het verjagen van vogels uit boomgaarden ter bescherming van rijpend fruit of noten, indien:

    1. een knalapparaat niet in werking is vóór 07.00 uur en ná 21.00 uur;

    1. de kortste afstand tussen een knalapparaat en een geluidsgevoelig gebouw of terrein 300 meter of meer bedraagt;

    1. de kortste afstand tussen een knalapparaat en de openbare weg tenminste 50 meter bedraagt;

    2. de loop van een knalapparaat van geluidsgevoelige gebouwen en terreinen af gericht staat;

    3. binnen 250 meter van een knalapparaat geen ander knalapparaat staat opgesteld;

    4. de knalfrequentie maximaal 6 knallen per uur bedraagt.

    5. het geluid van het knalapparaat niet wordt versterkt;

    6. het knalapparaat is voorzien van een duidelijk leesbaar label waarop de naam, adres, woonplaats, (mobiel) telefoonnummer en een e-mailadres van de gebruiker staan vermeld.

  3. In andere dan de onder lid 2 vermelde gevallen kan door het college ontheffing worden verleend.

  4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 Awb (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.